Archive for January, 2010

Toen de reserve werd opgeroepen

Twee weken geleden was ik te gast bij de heren en dames van de Tech45 podcast. In die tijd was ik nog de oorzaak van heel wat fysieke ruis. Maarten vond het gastsysteem wel goed en vroeg of ik daar ook zin in had. Jawel, zulks was het geval. Met mijn brandy nieuwe headset zat ik eergisteren dan ook klaar.

En toen ging de bel en toen namen we een nieuwe Tech45 podcast op. Terwijl ik dit schrijf, vraag ik me eigenlijk af voor wie ik inviel. Dadelijk even checken.*

Met onderwerpen als de iPad, de google nexus one en de facebook retweetfunctie een uurtje luisterplezier voor de geeks en technologisch geïnteresseerden onder ons. Dat alles onder de noemer “Honey, I blew up the iPod touch”. Laat het u smaken of neem ineens een abonnement via iTunes.

Audio clip: Adobe Flash Player (version 9 or above) is required to play this audio clip. Download the latest version here. You also need to have JavaScript enabled in your browser.

* Blijkbaar viel ik niet in voor iemand maar is bij eenparigheid van stemmen beslist dat ik er bij mocht zijn.

Uitpuilende broekzakken, there’s an app for that

Ken je het probleem? Je wil als man het huis uit. Portefeuille, iPod, GSM, sleutels van het huis, sleutels van je fiets of auto en weg ben je. Intussen puilen je broekzakken uit. Veel heb je niet nodig maar zelfs je basisequipment laat je er al snel uitzien als Mr. Gadget.

Als je ergens neer wil gaan zitten om, ik zeg maar iets, een koffie te nuttigen, dan zit er niets anders op dan eerst die broekzakken leeg te halen alvorens te gaan zitten. Zit je op je portefeuille, dan is een scheefgroeiende rug je lot, ga je op je mobiel zitten, loop je kans ongelukken te doen of een blind call de verkeerde richting uit te sturen.

Als je het geluk hebt je vriendin of vrouw op sleeptouw te kunnen nemen valt alles best mee. “Mijn portefeuille kan in jouw handtas?”, vraag je retorisch. Dat kan. Althans bij mijn lief.

Tot vijf jaar geleden was bovenstaande ook mijn lot. Ik beperkte mijn bagage, kocht jassen omwille van het grote aantal zakken, dumpte de restfractie bij mijn lief. Tot we in het SMAK in Gent het volgende tegenkwamen:

kitchenfloorbagEen kitchenfloorbag ofte handtas voor mannen. Stoer, hip, trendy, superlatieven, fashionable maar vooral: het is niet te geloven wat een gerief dat dat is.

Toegegeven, op het eerste familiefeestje waar ik met handtas verscheen, werden wat opmerkingen gemaakt. Ook als je langs straat loopt krijg je nog wel eens een vreemde blik maar dat valt allemaal veel beter mee dan je op het eerste zicht zou denken. Vergeet niet: the only thing worse than being talked about is not being talked about.

In de rustige vastheid van mijn kitchenfloorbag kwam echter een scheur en vervanging diende zich aan. Zo kreeg ik vorig jaar een online bestelde Tausche Forscherin toegestuurd. Het verjaardagscadeau van mijn lief.

Het leuke aan de tassen van Tausche is het feit dat je steeds nieuwe deckel of flapjes kan kopen, zodat je steeds een nieuwe tas hebt, zonder de basis weg te moeten gooien. Op dit moment zijn er vier deckel in huis, dus kan ik op tijd en stond eens wisselen.

Een aanrader, zo’n handtas voor mannen, al begrijp ik dat niet iedereen er klaar voor is.

update: beide tassen zijn schoudertassen en er past een netbook in, dit even voor de duidelijkheid

tauschenieuw

Hop met de geit

Ik had het drie weken geleden niet zien aankomen maar de maand januari is nogal druk aan het uitvallen zo. Projectje hier, projectje daar, projectje overal, examens afnemen en ook nieuwe lessen ineen steken. Niet dat ik er tegenop zie maar die importante presentatie van volgende week, daar is nog werk aan. Hop met de geit dus.

Tips voor studenten voor (mondelinge) examens, een docent spreekt

Mijn eerste mondelinge examens als docent zitten erop. Mondeling met schriftelijke voorbereiding. Dat leek mij voor het vak communicatieanalyse de beste formule. Het vak is tot op zekere hoogte academisch en wetenschappelijk maar een niet-helemaal-correct antwoord met een goede redenering kan ook juist zijn.

Voor, tijdens en na de examens merkte ik enkele dingen op die ik wil delen. Zeker met studenten. De kloof tussen docent en student blijkt, ook bij het werken met kleine groepen, nog behoorlijk groot. Ten onrechte vind ik. We moeten af van het hoogverheven-docent-legt-uit-en-student-reproduceert-model. Daarom enkele studententips.

Dit kan je volledig legaal testen op docenten (alvast op deze)

  1. Vragen staat vrij
  2. Elke week zie je de docent, verplicht of niet verplicht. Elke week is er dus minstens één kans om onduidelijkheden op te helderen. Of het nu over het examen gaat of over de leerstof of over een benaderingswijze van de cursus. Elke week staan mijn collega’s en ik drie uur te spreken, dat kwartier voor of na de les kan er gerust nog bij.

    Bang voor directe confrontatie? Mensenschuw? Mijn contactgegevens staan op internet. De contactgegevens van bijna elke docent staan op het internet en als ze er al niet opstaan, dan kan je ze zeker raden. Voornaam punt achternaam at school punt be. Of bel naar het secretariaat.

  3. Student ben je samen
  4. Je moet er maar een keer op letten wanneer je in de les zit, al die mensen die in dezelfde richting kijken als jij, dat zijn soortgenoten. Jullie zitten samen in de les. Als de docent een woord gebruikt waar je nog nooit van hebt gehoord, dan is de kans niet gering dat er nog zo iemand zit.

    Docenten hebben dat niet altijd door. Even onderbreken, een hand opsteken. Simpel. Het is misschien wat ouderwets maar helpen doet het wel, flikken doen het ook als ze het verkeer regelen.

    Ook al eens gedacht aan het samen maken van een samenvatting? Of dat je een taak wel eens aan elkaar kan voorleggen voor je ze indient?

  5. Docenten zijn ook mensen
  6. Om zomaar iets te zeggen: tussen de examens heb ik een uur pauze. Tot iemand zich midden in dat uur inschrijft om examen te doen. Daar heb je als student alle recht op. Wees je er dan wel van bewust dat, als de eerste reeks examens wat uitlopen, de docent niet meer weg kan. Als je dan zonder verwittigen wegblijft, dan is de docent niet gelukkig.

  7. Meer dan de helft van de punten verdien je in de les
  8. Ik weet dat er op de wereld nog wat boeiender dingen aan de hand zijn dan mijn les. Veel grappiger dingen ook. Onderdruk die behoeftes voor drie uur en probeer je te concentreren, het helpt op het examen.

    Actieve participatie wordt daarenboven opgemerkt. De docent kent je naam niet tijdens de (eerste) lessen maar op het examen ziet hij je gezicht en kan hij je zo zeggen hoe je je onder het jaar in de les hebt gedragen.

  9. Schrijf je naam op alle examenbladen, ook al is het een mondeling examen
  10. Het is administratie en ook niet mijn beste kant, maar als docenten thuiskomen na een mondeling examen is hun taak niet af. Dan gaan ze nog eens door de examenformulieren, dan vergelijken ze met hun eerste quotering en dan stellen ze bij.

    Als je op alle papieren waar ‘naam:’ op staat je naam schrijft, dan scheelt dat in verbetertijd en vermijd je dat jouw examen met dat van iemand anders wordt verwisseld.

  11. Voorbeelden en meningen zijn geen leerstof
  12. Als een docent onder het jaar zijn persoonlijke mening over een theorie geeft, dan is die persoonlijke mening geen leerstof maar die theorie des te meer. Vorm een eigen mening en onderbouw die. Probeer ze uit op je medestudenten of op de docent.

    Hetzelfde geldt voor voorbeelden. Een voorbeeld op het examen reproduceren toont dat je het vak hebt gestudeerd maar je kan het zo raden dat hij je daarna een eigen voorbeeld vraagt.

  13. Docenten buizen niet graag
  14. Waarmee ik niet wil zeggen dat je je inspanningen best tot een minimum kan beperken. Wel integendeel. Op het examen tegenover een student zitten die je vak door en door heeft gestudeerd is een fijne ervaring en geeft voldoening.

    Weet echter dat het niet in de lijn der verwachtingen ligt dat een docent een volledige klas zal gaan buizen. Studeer ervoor en alles loopt goed.

  15. Studenten die alles kennen, hebben altijd geluk met de vragen
  16. Wees dan ook niet jaloers op de medestudent met de betere vragen. Hij of zij had blijkbaar net de vraag waar jij, zonder de stress van het examenlokaal het antwoord op weet. Dat betekent echter dat je een stuk had overgeslagen of minder grondig kende. Een examen is een steekproef, daar kan een docent ook niets aan doen.

    Of je een andere vraag kan krijgen? Neen, sorry. Bij de lotterij gaat het ook zo, verkeerde nummers ingevuld is niets gewonnen. Echter. Hier komt mijn docent-mens en docent-helper op de proppen. Meestal weet je meer dan je zelf zou vermoeden. Misschien zoek je het te ver. Een mondeling examen is een schaakspel, geen boksmatch.

  17. Studeer voor kennis, niet voor punten
  18. Weet waarom je studeert, als je dat enkel en alleen voor de punten doet, bereid je dan voor op een carrière van levenslang studeren. Kennis en wat je met die kennis doet, is veel belangrijker.

    Reflecteer daarom de inhoud van je cursus op je eigen leefomgeving. Of het nu over communicatieanalyse gaat of over het examen inleiding tot het auteursrecht, er is altijd wel iets waar je aan de hand van de cursus over na kan denken.

  19. Er is meer dan de cursus
  20. Als je marketingdeskundige wil worden, moet je lezen, veel lezen. Je moet weten wat de dingen zijn, wat ze inhouden. Hoe ga je een communicatieplanning opstellen als je niet weet welke doelgroep De Standaard voor ogen heeft?

    Als je bioloog wil worden, bezoek dan de zoo, lees over de zoo en haar dieren. Wil je astrofysicus worden, lees dan over het ISS, ook al is er geen enkele prof die je er iets over vertelt. Kennis van buiten de cursus betrekken op je examenvraag en je maakt een onvergetelijke indruk.

Er zijn vast nog 27 dingen te bedenken waar je als student op moet letten. Doe je ding hieronder in de comments.

Selectieve verontwaardiging

Of zie ik het verkeerd?

Geld moet rollen

Weet je nog? Het was januari 2001 en eindelijk stroomden ze onze portefeuilles in (en al snel ook terug uit). De Euro deed zijn intrede. Al snel doken de eerste buitenlandse munten op. Eerst Nederlandse, Duitse en Franse. Euromunten legden gemiddeld vier kilometer per dag af, zo werd er toen berekend. En in de stad had je meer kans als op het platteland.

De eerste allochtone Euro’s deed ik in een bokaaltje. Lang keek ik uit naar de komst van de eerste Ierse munten. We gingen met de vrienden regelmatig in de Irish pub aan de Guinness,vandaar. Eerst in mei merkte ik een harpje op aan de kopkant van een stuk van een euro.

How the times have changed. Mijn bokaaltje bevatte al snel een studentenfortuin aan munten en ik besloot me te beperken. Eerst door mijn collectie te saneren tot ‘de leukste stukken’. Daarna tot ‘de minst voorkomende stukken’. Inmiddels leek de inhoud van je portefeuille uit te puilen van de buitenlandse Euromunten.

Een muntenverzamelaar was ik niet en dat bokaaltje bleef maar staan en toen besloot ik alles uit te geven. Een student moet eten en drinken enzo. Kort daarna kon ik naar de glasbak.

Gisteren vond ik in mijn portefeuille een munt uit Malta. Dat vond ik wel bijzonder. Even aarzelde ik bij de bakker. Of ik die munt misschien niet even… Ik deed het niet. Hoewel die dingen op eBay bijvoorbeeld best gegeerd zijn. Misschien kreeg de volgende klant dat stuk in handen en dacht die net hetzelfde als ik.

Die munt deed mij er even bij stilstaan hoe fantastisch het is, dat zestien landen beslist hebben hun munt af te schaffen. De munt. Decennia lang middel bij uitstek van het economisch beleid van een land. De munt, symbool voor een land. Afgeschaft. Daar doet zo’n munt mij dan aan denken en ik vind dat goed.

Vroeg of laat eindigt de munt in een verzameling. Net zoals de Euromunten van Vaticaanstad en van Monaco. Jammer vind ik dat. Die munten verdwijnen uit circulatie. En die Euro, die is het tastbare van de Europese Unie in ons leven. Of ben ik te lyrisch?

Twhisky

Er is voor alles een eerste keer naar het schijnt. Ook voor een whiskyproeverij. Zulks geschiedde voor mij gisteren. Cubus had  een Twhisky georganiseerd in de Anverness in Berchem. De invitatie viel een tijd geleden door de Twievenbus. Als er wat gezelligs te doen is, dan ben ik er graag bij.

Ook al ken ik van whisky evenveel als van… ja, van wat eigenlijk? Ik weet van een heleboel dingen wel iets af maar van whisky nog het minst.

Enfin, ik daar naartoe. Wil je meer weten over de gedronken whiskys, neem dan een kijkje bij Stef, hij vertelt er wat over, daar krijg je ook beeldjes. Voor mij immers niks geen verrassingen, niks verbazing, zo gaat dat alles je van niets weet, dan kunnen ze je alles wijsmaken. Als er een naar whisky neigende cognac tussen had gezeten, ik had niks gemerkt.

Maar ik vond het wel lekker smaken. Behalve de laatste, wat spijtig is. Anders had ik een fles meegebracht. Naar het schijnt baart oefening kunst. Nu overheerste het laatste glas, wat door kenners op een speciale manier rokerig werd genoemd, al mijn smaaksensaties. Zozeer dat ik nog drie keer al mijn glazen langsliep om de geur van de andere terug te krijgen. Het mocht niet baten. Om mij nog te herinneren wat ik nu de lekkerste vond, was het al helemaal hopeloos.

De andere zes geproefde glazen varieerden van licht naar donker. Er werd verteld dat dat met de vaten te maken heeft. Ze verschilden in smaak. Door de vaten, de plaats van brouwen, het water, het destilleerproces, de graansoort en nog elfendertig parameters. Ze waren allemaal op hun manier lekker. Ik hou vooral van sterk en fruitig doch niet zoet, als ik het zo op de keper beschouw.

We maakten een wereldreis aan de hand van whisky. Van Amerika (zeg Bourbon), India (!), Ierland en het onvermijdelijke Schotland. Een van de whisky’s bleek een pak ouder dan mezelf. Productiedatum: 1976. Het was de eerste keer dat ik iets dronk dat ouder is/was dan mezelf.

Best een goeie formule zo, om eens te weten wat er zoal bestaat aan whisky’s. Met zo’n hapje erbij: ideaal. Leuke mensen zijn aan te bevelen. Ook dat was gisteren helemaal in orde.

Crowdsourced problem solving (1)

Zo, een besluit is genomen. Ik ga minder RSS-feeds lezen en meer boeken. De eersten halen de mosterd toch vaak bij de tweeden. Daarom wil ik graag jullie mening (als ik hier geen reacties krijg, ga ik natuurlijk af gelijk een gieter).

Hoe ik het wil doen. Ik leg categorieën voor, dat zal ik in de komende weken elke week doen en jullie gaan mij vertellen (fingers crossed hier) welke er blijven, welke er weg moeten en welke essentials mijn lijst kunnen verbeteren. Bij deze laatste geldt de formule 1 erbij voor 2 schrappen.

De eerste categorie die ik kies is IT en Geekyness. Een behoorlijke lijst, vind ik zelf. Maar behoorlijk is niet goed genoeg. Schrappen wat niet past, aanvullen en suggereren maar. Ook boeken zijn dus welkom.
- Belgiancowboys
- Clickx
- Communicatie, innovatie en … frustratie
- Datanews – Ctrl + Alt + Del
- Datanews – News
- Datanews – Products
- Dutch cowboys
- Frankwatching
- Google press releases
- Know your meme
- Mashable
- PCM Nieuws
- Sitepoint
- Tech45delicious
- Techcrunch
- The official google blog
- TheNextWeb.com

Hoe vermijd je ongevallen met fietsers

Deels omdat mij dat goed uitkomt, deels om praktische redenen ben ik een grootgebruiker van het vervoersmiddel fiets. Als de afstand het ook maar enigzinds toelaat, begeef ik me op eigen spierkracht en twee wielen naar mijn bestemming.
Andere mogelijkheden zijn, in volgorde van voorkeur, de trein, de benenwagen, de tram, de bus en tenslotte het vliegtuig. Over boten ga ik het hier niet hebben, hun praktische nut in onze streken is marginaal. De bootjes over de Schelde kan je geen boten in de echte betekenis van het woord noemen. Niet dat ik iets tegen boten heb. Zeker niet. Als u liefhebber bent van boten, om recreatieve of andere redenen, mij best. Even goede vrienden.
Daar gaat het hier echter niet over. Waar het wel over gaat, zijn de gevaren van het zich verplaatsen per fiets. Bestuurders, meestal van auto’s, bussen en andere voertuigen die zich over de openbare weg verplaatsen, betekenen voor de fietser een groot gevaar. Ook aan de inrichting van het verkeerssysteem schort nogal wat. Daardoor gebeuren onnodig veel ongevallen met fietsers.
Als ervaringsdeskundige heb ik alvast een aantal mogelijke oplossingen voor het probleem opgesteld.
  • Schaf kruispunten en zijstraten af

Ik ben me ervan bewust dat dit een ingrijpende maatregel is. Echter, zijstraten en kruispunten zijn de plaatsen waar het grootste aantal ongevallen gebeuren. Niet alleen met fietsers maar ook tussen andere voertuigen. In afwachting van een aantal ingrepen in de wegeninfrastructuur, kan men als fietser deze plaatsen alvast proberen mijden. Als chauffeurs dit ook doen, zijn we al een eind op weg.

  • Fiets op het midden van de weg

Hoopvol uitkijkend naar het kruispuntloze verkeerscirculatieplan, is het alvast een goed idee om midden op de rijweg te fietsen. Fietspaden zijn gecreëerd om fietsers op het verkeerde been te zetten. Een groot deel van de ongevallen met fietsers gebeuren op het fietspad. Probeer dan ook, wanneer het mogelijk is midden op de rijweg te fietsen.

Om onnodige hinder voor het autoverkeer te vermijden, kan je ervoor kiezen om in groep te rijden. Dit is echter niet noodzakelijk. Hou er rekening mee dat je als individuele fietser meer last zal hebben van de uitlaatgassen omdat bestuurders er in zullen slagen voorbij te steken. Bij het fietsen in groep worden de uitlaatgassen achter de fietsers gelaten.

  • Weg met bellen en klassieke fietslampen

Bellen en lichtarmaturen zijn enkel nog toegestaan in het kader van de opsmuk van de fiets. Een bel heeft geen enkele chauffeur gehoord, laat staan dat het indruk maakt. Een lamp die je zelf moet aandrijven met behulp van een klassieke dynamo remt je af. De enig toegestane lampen zijn dan ook die op herlaadbare batterijen of met een naafdynamo.

Wees creatief en zoek naar een echte meerwaarde. Met een normaal voor- en achterlicht val je al lang niet meer op. Probeer een zwaailicht of leds die je onder je fiets monteert. Onwezenlijk cool. Geen chauffeur die daar aankomt.

  • Een fluo hesje cool? Neem dan een fluo auto, dat zie je nog beter.

Het is bewezen dat autobestuurders dichter tegen een fietser met fluohesje aan rijden. Dat zou op zich al voldoende reden moeten zijn om die dingen thuis te laten. Daarenboven ziet een drager van zo’n hesje er zo belachelijk uit dat de chauffeur van de potentieel aanrijdende wagen zal denken: laat ik uit de rij fietsers hem kiezen.

Beter is dan ook om auto’s verplicht in fluokleuren te produceren. De chauffeur die daaruit dient te stappen, schaamt zich te pletter. De preventieve werking hoef ik niet uit te leggen.

  • Verboden een helm te dragen of u moet een reden hebben

Fietsers die een helm dragen, vormen een andere categorie. Zij zijn vaak slechte fietsers die een helm dragen om zich tegen zichzelf te beschermen. Zij houden zich aan alle verkeersregels en worden dientengevolle het vaakst aangereden.

Meer nog. Deze fietsers veroorzaken zelf hun ongevallen en berokkenen andere fietsers schade door hun verantwoorde gedrag. Zij dienen thuis te blijven. Al te vaak zijn ze nog veel slechtere chauffers.

Bij het recreatief koersen op de openbare weg is een helm dan weer wel toegestaan. Chauffeurs zullen beseffen dat je met een helm en die snelheid voldoende schade kan aanbrengen aan hun wagen.

  • Fiets zo offensief mogelijk

Defensief rijden is zo noughties. Offensief is het nieuwe defensief. Een beetje auto haalt 180 kilometer per uur. Wie is er hier gehaast? Daarenboven, eens bestuurders weten dat fietsers ook recht hebben op hun deel van de rijweg (zie ook boven) zal het aantal aanrijdingen dramatisch dalen.

  • Geef nooit voorrang van rechts

Het is, zeker als fietser not done om voorang van rechts of andere, door carrosseriebouwers gelobbyde verkeersregels toe te passen. Deze regels dienen enkel om het aantal gevallen van blikschade te verhogen. Bij een voorrang van rechts zal de fietser meestal opdraaien voor de kosten. Het is daarom best zo luid mogelijk te roepen (gebruik nooit je bel!) wanneer je een bestuurder ervan verdenkt zijn rechten te willen uitoefenen.

  • Telefoneer zoveel mogelijk op de fiets
Ook fietsers hebben een druk bestaan. Probeer daarom zoveel mogelijk onderweg te bellen. Doe dit zo opvallend mogelijk en indien mogelijk handenvrij. Een offensieve rijstijl vergt immers stuurmanskunst.
Wil je echter defensief (blijven) fietsen, hou dan gerust je mobiel in de hand. Bestuurders zullen het gevoel hebben dat je belangrijk bent en zullen bij voorbaat een schuldgevoel ontwikkelen voor het feit dat ze iemand belangrijk hebben aangereden.
  • Verplicht de passagiers om te rijden

Elke bestuurder op zich berokkent niemand kwaad. Meer zelfs, in een groot deel van het geval zijn de passagiers de oorzaak van een aanrijding. Zij leiden de chauffeur af van zijn of haar taak.

  • Neem de auto

Je kan een fietser zijn en toch met de auto reizen. Dit vergt echter heel wat tijd. Om een fietser te zijn in de echte betekenis van het woord, heb je minstens tien jaar oefening nodig. Gedurende die tijd moet meer dan de 75% van de verplaatsingen met de fiets gebeuren. Vanaf dan kan u zich een fietser noemen en kan u met een gerust geweten in de auto stappen.

Zijn er mensen die nog meer tips hebben? Laat het me weten!

Het eerste kwartaal na een nieuw begin

Drie maand geleden startte janseurinck.com. Erfgenaam van janseurinck.be1.0, janseurinck.be2.0 en hun respectievelijke kinderen. Een propere lei en meer. Er heerst tevredenheid bij ondergetekende. Over zowel de stijgende kwantiteit als over de kwaliteit. Althans, dat gevoel heb ik.

Cijfers dus.

  • Op 3 maand schreef ik 107 gepubliceerde posts, 4 staan in de steigers.
  • Mijn blog trok 2872 bezoeken (een gemiddelde van om en bij de 31 per dag) en 2066 unieke bezoekers
  • Belgen zijn het best vertegenwoordigd: 84%, gevolgd door Nederlanders 13%, alle andere landen zijn marginaal vertegenwoordigd
  • Bezoekers lazen 5317 pagina’s of een gemiddelde van 1,85 per bezoek in 1 minuut en 53 seconden
  • Er zijn om en bij de 76 rss-abonnees. Dat cijfer is vrij recent en niet 100% betrouwbaar.

Bezoekers komen

  • Voor 35,55% van verijzende sites
  • Voor 33,91% via zoekmachines
  • Voor 30,50% rechtstreeks

De posts met het grootste aantal bezoekers zijn

  • Het trendrapport, de experts (356 lezers)
  • Een dag in het spoor van Bart De Waele (321 lezers)
  • Mijn wensen voor 2010 (242 lezers)

Topdagen in bezoek waren

  • 19 november (de dag dat @netlash mijn post over mijn dag in het spoor van op twitter gooide) (155 bezoekers)
  • 21 december (de dag na Barcamp Gent) (154 bezoekers)
  • 30 december (de dag van het trendrapport en mijn twitter-expertenlijstje) (122 bezoekers)

Mijn belangrijkste vraag is echter: wat vinden jullie. Wat moet er meer, wat minder, hoe en vooral waarom. Laat maar horen.




nomineer samuel

read my rss feed

Categorieën