Archive for the 'iedereen heeft recht op mijn mening' Category

De iPhone en het systeem

Het komt wel eens voor dat ik ga spreken voor een groep. Dat gaat dan meestal over social media. Mensen leven in de veronderstelling dat ik daar iets over weet. Er zijn slechter dingen om over iemand te veronderstellen.

Als ik daar dan sta, lachen de mensen in de zaal soms als ik iets vertel. Dat is omdat ik woorden als fucking en van mijn kloten wel eens uitspreek en dat is niet gebruikelijk maar ook omdat het herkenbaar is soms. Omdat ik wel eens iets leutig vertel soms. Denk ik dan.

Mensen lachen minder wanneer ik antwoord op de vraag: ‘ik krijg van mijn werkgever geen iPhone, dus ik kan niet beginnen twitteren’. Het is een vraag die mij zo vaak gesteld wordt, dat ik het antwoord maar beter kon bloggen. Kan ik hierheen verwijzen.

Het moet ergens in 2006 geweest zijn, ik werkte pas en ik vond het lastig mijn laptop overal heen te sleuren. We deden events en ik vond dat gedoe. Het was niet dat ik erg veel verdiende. Ik ben daar tot vandaag niet heel erg goed in, in veel verdienen. Waar ik beter in ben, is dan de hand in eigen portefeuille steken en te zeggen: ik wil zo’n masjien, ik kan dat gebruiken, dat zal mij die en die meerwaarde bieden, ik koop zo’n masjien.

Zo kocht ik mijn HTC P4350 die het tot 2009 wist te trekken. Met eigen centen. Hij kostte meer dan € 500 en draaide Windows 6.0. Naar huidige maatstaven was/is het ding ontiegelijk traag maar ik had wel wat ik wilde: mijn mails waar en wanneer ik dat wilde, ook al had het een hap uit mijn budget gedaan die niet erg te verantwoorden was.

We schrijven 2012. Moores law heeft ernstig huisgehouden in zowel prijzen als specificaties van slimme telefoons. Een slordige € 200 geeft je steeds meer telefoon voor je geld. Als ik dan mensen hoor zeggen: ‘mijn iPhone is aangevraagd maar hij zit nu al een jaar in het systeem’, dan rijzen mijn haren ten berge.

Dan moet je toch conclusies trekken? Consequenties verbinden aan gedrag? Dan zeg je toch aan je werkgever dat je je werk goed wil doen en dat je echt een deftige telefoon nodig hebt en dan ga je naar de winkel en dan koop je een telefoon die je desnoods zelf wil betalen?

Faster to file for a refund than ask permission, niet? Of dan trek je toch vriendelijk doch kordaat de deur achter je dicht en zoek je een plek waar je wel materiaal krijgt?

Of ben ik dan naïef?

Lieve uitgevers

Lieve lagelandsuitgevers,

Aan de andere kant van de oceaan is een grote boekenverkoper en die heeft al een tijd een eigen boekleestoestel. Het heet de Kindle.

Tot nu was het hebben van zo’n ding best uniek. Iedereen met wat centen wil een tablet van een producent met een fruitlogo. Nu heeft die boekenverkoper aan de andere kant van de plas het zo bekeken dat hij een draagbare editie van dat ding met het fruitlogo maakt die daarenboven maar half zo duur is.

Het zou dus wel eens kunnen dat die dingen ook onze richting uitkomen. Wij lagelanders zijn nog niet zo van de e-commerce maar tegenhouden zal je dat niet. In het Verenigd Koninkrijk koop je ze zo in een winkel tegenwoordig. Straks liggen ze ook in Duitsland, let op mijn woorden.

Zeg niet dat ik jullie niet verwittigd heb.

Jan

Waarom ik tegen crossposten ben (en het zelf ook doe)

Een van de hot topics dezer dagen op Google+ is het zogenaamde crossposten. Het (letterlijk) overnemen van content van het ene (sociale) medium naar het andere. Want trop is teveel en nog een nieuw netwerk waar je dingen op moet zetten, dat is teveel voor menig Corneel.

Dan wordt er naar manieren gezocht om het leven makkelijker te maken. Het eigen leven. Een desktopprogramma waar alles in een kan, een online dienst, een browserplugin. Want tijd is heilig. Onze tijd is heilig. Van alles is er genoeg maar niet van tijd.

Daar wringt het crosspostschoentje. Terwijl we zo bekommerd zitten te doen om onze tijd, vergooien we de tijd van anderen. Veel anderen soms. Een tweet lezen valt nauwelijks in tijd uit te drukken. Een fractie. Een blip. Dus mag het. Copy-paste. 2400 keer een halve seconde is wel in tijd uit te drukken.

Terwijl we verontwaardigd zitten te doen over kranten en die het zich wel erg makkelijk maken door de iPad app een doorslagje te maken van hun papieren versies gaan we zelf zitten gooien met onze media. Lezers, of het er nu veel of weinig zijn heilig voor mij.

The content of an new medium is an old medium. Alleen is nog maar de vraag wat hier het medium is. Is dat het sociale netwerk of is dat het internet? Zijn plus en facebook katernen van de grotere internetkrant? Pagina’s misschien of zijn het verschillende kranten?

Maar Jan, jij doet dat toch ook, crossposten? Ik zie jouw blogposts in mijn RSS-lezer, op Twitter, op Google+ en soms al eens op facebook. Klopt. Als het maar even kan probeer ik mijn blogposts gelezen te krijgen. Wel met respect voor het medium en lezers, volgers en vrienden en hun tijd. Dat gaat zo:

- Blog: ik heb veel te vertellen
- RSS: had iedereen dat maar, hoefde ik niet te promoten
- Twitter: kijk, er is een blogpost of ik heb wat kort te melden of ik heb iets interessant gelezen en ik wil dat jij dat ook leest
- Facebook profiel: kijk, een blogpost waar ik me persoonlijk bij betrokken voel of ik wil iets persoonlijk vertellen
- Facebook pagina: ligt stil, ik denk na over een strategie
- Google+: dit is het onderwerp van mijn nieuwe blogpost, je kan ‘m lezen maar net zogoed meepraten zonder te lezen of ik heb wat interessants te melden waar ik in meer dan 140 karakters over wil discussiëren

Op die manier heb je verschillende discussies via verschillende netwerken. Het is geen perfect systeem en als ik het kan verbeteren, ik zal het niet nalaten. Voor mij is het het minst slechte.

Wat jij?

Flickr Foto Time over Toys in cc gegeven door the|G|™

Mijn kijk op reblogging en fair use

Bloggers en andere beheerders van webeigendommen mogen van de beheersvennootschap der Vlaamse krantenuitgevers Reprocopy 150 karakters van hun nieuwsberichten letterlijk overnemen.

Dat is een SMS naar uw lief zonder kussen erachteraan of een tweet die niet verstuurd geraakt. Over randvoorwaarden van die 150 hebben we het dan nog niet gehad.

In Amerika is dat allemaal anders. Daar hebben ze dat zo niet, zo’n beheersvennootschap. Dat is daar meer van gentlemen’s agreement en fair use. Een overtreding wordt dan bepaald door ‘ik weet het wanneer ik het zie’.

Dat principe stamt uit 1964 wanneer rechter Potter Stewart zei ‘ik herken porno als ik het zie’. Of er zich het volgende academiejaar meer dan wel minder studenten aangeboden hebben voor de studie rechten is mij niet bekend.

1964, dat was het jaar waarin Gigliola Cinquetti het eurosongfestival won met Non ho l’età en Lyndon Johnson en Leonid Brezjnev de koude oorlog niet uitvochten. Dit is 2011 en nu is er het internet en de Huffington Post die centen verdient met teveel te kopiëren en de Huffington Post, dat is het topje van de ijsberg.

Want rebloggen is in. Je ziet wat, dat is interessant, je pleurt het op je eigenste blog, legt even snel een linkje en klaar is kees. Je noemt jezelf content curator en de zaak is opgelost. Gebruik je een wordpress blog, dan is daar zelfs een knopje voor. Even in de browser selecteren wat je wil, klik en hup, je hebt weer een blogpost erbij.

De wolk van kennis wordt mist. Oorsprong onbekend. Een oneindig spoor van waterdruppels. Elke stap een verdubbeling. Onzichtbaar door de veelheid. Het internet als herhaling van zichzelf. De bron nauwelijks te achterhalen.

Je kan dan schermen met ‘everything is a remix‘, het probleem is dat dat vaak zelfs teveel moeite gevraagd is. Het is de remix van een trouwfeestendj. Plaatje. Plaatje. Plaatje. Greatest hits en… vermenigvuldigen! Het curationgedeelte bestaat er dan uit om de voorpagina van Stumbleupon, Delicious of Reddit te skimmen op interessante content. On brand. Uiteraard. Knappe titel. Google juice.

Dan gaat het al lang niet meer over ‘ik lees veel en terwijl ik dan toch bezig ben, kan ik daar zowel nog wat mensen een plezier mee doen’. Dan gaat het in het beste geval om naïviteit. Opportunisme laat zich vermoeden.

Nu kan ik me voorstellen dat ze ook bij Reprocopy de soep niet zo heet drinken als ze wordt geserveerd, toch stel ik me vragen bij dat soort strikte regels van linken verwijderen en bronnen vermelden met de drie namen gods.

Zouden we niet beter af zijn met het Amerikaanse systeem waarin een blogger zich gepakt voelt, dat schrijft en dat daaruit een soort impliciete regelgeving ontstaat?

Moeten we niet naar het systeem van ‘do what you do best and link to the rest’? Als gentlemen’s agreement? Of is het de heerschappij van de nummers? Het bekeken worden. Meer en veel. Liever dan goed bevonden worden. De angst voor het slechte idee. Beter goed gestolen dan slecht bedacht.

Zouden we niet beter af zijn met een positief systeem waarbij mensen trots scheppen in het vervaardigen van eigen stukjes of het nu remixen in de woordelijke wijs zijn of beelden of mashups of infografische interpretaties van een studie?

Flickr cc foto van 917press 

Laakbaar

Veel minder dan vroeger erger ik mij aan het nieuws. Veel minder denk ik, wanneer ik Bart De Wever zie pleiten voor of tegen een snelle regeringsvorming, hou toch op man. Veel minder denk ik bij woordvoerders: laat toch een mens aan het woord en geen woordenspinner.

Soms, heel soms ga ik nog wel eens boven het rode streepje. Dat doe ik bijvoorbeeld als ik de mens van Adecco in De Morgen hoor zeggen:

Woordvoerder Marc De Smedt betreurt de “compleet laakbare actie” van de PVDA (het online gooien van documenten waaruit blijkt dat Adecco een systematisch discriminatiebeleid voert/voerde nvdr). “Ik snap niet waarom zo’n oude zaak opgerakeld moet worden. We zouden beter een maatschappelijk debat ten gronde voeren.”

Welke compleet laakbare actie bedoelt u? Op welk moment heb ik u zien pleiten voor een maatschappelijk debat ten gronde? Eerst het boeltje onder de mat vegen, wat behoorlijk gelukt is overigens, dankzij de maatschappelijke toestand die discriminatie niet zo heel erg vindt.

Kijk mijnheer De Smedt, het zit zo. In 2011 kan je uit negatieve dingen iets positief maken. Je hoeft mij niet te vertellen dat Adecco niet de enige was en dat anderen het ook gedaan hebben. Je hoeft mij niet te vertellen dat de bedrijven die nu in het nieuws komen de enigen zijn die BBB vroegen. Wat je mij wel mag vertellen is hoe het zit met dat maatschappelijk debat van je.

Zeg het eens. Vertel mij eens over de sector van de uitzendarbeid. Vertel mij over vroeger en vandaag. Vertel mij over de arbeidsmarkt, ik weet er niet zoveel over. Ik zie bovengemiddeld veel werkloze allochtonen en gaten in de arbeidsmarkt. Laat ons het maatschappelijk debat eens ten gronde voeren. Laat ons eens zeggen hoe die vork nu echt aan de steel zit.

Maar kom mij niet af met: laat ons geen oude koeien uit de gracht halen maar kijken naar vandaag en morgen en intussen stilletjes verder doen? BBB zal wel uit de boeken zijn, maar koeienrassen genoeg neem ik aan?

Sponsor