Currently viewing the category: "indentijd"

Ik herinner me. Bonen. Ik herinner me. Emmers. Ik herinner me. Een mes. Dat gaat met de hand ook maar op den duur is dat zo moeilijk. Ik herinner me. Jan, als je er wat minder zou nemen, dan zou dat sneller gaan.

Ik herinner me. Met de eerste overtrekking was het beter. Me al die regen waarschijnlijk. Ik herinner me. Bonen. Emmers. Een mes. Ik herinner me. De tafel. Thuis. Toch altijd beter uit eigen tuin hé? Vers!

Ik herinner me. Bij meme en pepe. De bonen van de andere kant. Waar de machines niet bij konden komen. Die rijden alles kapot. Je moest dat veld zien. Met al die regen ook natuurlijk.

Ik herinner me. Emmers vol. De tafel. Een mes. Zo veel niet Jan. Dat gaat met de hand ook maar op den duur is dat zo moeilijk. Afwisselen is het beste. Na deze nog twee emmers en we zijn er weer vanaf.

Ik herinner me. De tafel. Thuis. De keuken. Samen. Bonen toppen. Emmers. Potten. De geur. Een namiddag lang een kleine fabriek. Nog iemand een slok? Warmte. Hoe veel nog? Met een mes gaat dat ook.

Verdomme! Afval bij de bonen gesmeten!

Ik herinner me. De geur. De kleine fabriek. Hoeveel nog? Emmers. De toppen mag je in die emmer doen Jan. Die hebben we niet meer nodig. Als je een plankje wil?

Ik herinner me. Nog een beetje en we zijn er vanaf. Dat is wel gemakkelijk als je thuiskomt van je werk en je moet geen groenten meer kuisen. Ik herinner me ajuin en boter en kotelet en aardappelen. Eet maar, er is genoeg.

Ik herinner me. Bokalen. Een grote pot. Wecken is een eponiem, wist je dat? De rubberen ring. Beugel. Een grote pot. Zijn ze allemaal gelukt? Er zit er een los.

Ik herinner me. Wat eten we vanavond?

Op 17 maart 2003 diende ik in het kader van mijn opleiding communicatiewetenschappen een presentatie te geven, samen met nog een aantal collega’s. Bob en Matthias denk ik, en Valentine en nog wat mensen. Enfin. Namen. Namen. Vrienden. Lang geleden. Hoe gaat het nog? Ook goed, merci.

Het onderwerp van onze studie was Genderbending in videoclips, een onderdeel/vooronderzoek/je ne sais quoi van de doctoraatsstudie van Sofie Van Bauwel. Enfin, de inhoud zat goed vonden we en de presentatie diende navenant te zijn. We dachten iets in de stijl van: we blazen de boel even omver. Er zaten klasgenoten te luisteren en ogen durven ook nog wel eens wat te willen.

We waren jong en we deden wat, we bedachten, ik flanste met wat nachtwerk toe de besproken videoclips aan elkaar en we begonnen onze presentatie ermee. Het omverblaaseffect diende toendertijd niet te worden onderschat. Het zal ons puntentotaal dan misschien niet drastisch omhoog hebben gehaald, slecht kan het ook niet zijn geweest.

Tijdens een opruimactie stootte ik op de drie delen waaruit het ding toen bestond. Mijn DVD-schrijver liet het op het slechte moment afweten en ik diende één en ander op drie CD’s te zetten om vervolgens aan elkaar te zetten op de laptop vanwaar de presentatie diende te worden gegeven. Of iets anders. Het was heroïsch en net op tijd enzo.

Zo. Teruggevonden, in de rapte aan elkaar gezet met wat haken en ogen. (Let op het geluid). Herinneringen. Geestig. Het valt me op dat ik 8 jaar na datum waarschijnlijk nog sneller zou snijden en dat de video waarschijnlijk op twee minuten zou gaan. Times. Times.