
Archive Page 2
Eenvoudig vegetarisch (3): Hutsepot (met tempeh)
Published February 22nd, 2010 in vegetarische recepten. CommentsVegetarische hutsepot, het kan! Volgens mij doen veel vleeseters het sowieso al zonder de originele ingrediënten. Het schijnt typisch Vlaams te zijn. Al is het eerder een Vlaamse versie van de wereldwijd bekende stoofpot.
Mijn favoriete lifelogger heeft over de Vlaamse versie een verhaal/recept (even scrollen) geschreven. Het is één van de weinige van zijn stukjes die ik niet heb gelezen.
Wij doen het vandaag dus zonder vlees. Het idee. Varkenspoten. Buik. Lamsnek. Het zal sommige mensen als muziek in de oren klinken. Mij klinkt het als de Guantanamoversie van Vlaamsche Slagers (pun intended).
Ingrediënten
2 grote ajuinen
Bussel wortelen
500 gram spruiten
Savooikool
2 rapen
5 grote aardappelen
Blokje tempeh (400 gram)
Tijd. Vergeet dit ingrediënt niet!
Werkwijze
Maak de spruiten schoon en snij ze diagonaal in.
Schil de aardappelen
Maak de wortelen en de raap schoon en snij in blokjes
Schil de ajuin en snij fijn
Kook de spruitjes en aardappelen tien minuten in gezouten water. Het water hebben we straks nog nodig, niet afgieten dus!
Laat de ajuin fruiten in boter of plantaardig vet
Voeg de wortelen en de rapen toe
Laat even sudderen en voeg dan de savooikool toe.
Voeg, wanneer de savooikool voldoende is geslonken, de spruitjes en de aardappelen toe.
Kruiden met peper, zout en optioneel een scheutje sojasaus.
Zet het stoofpotje op een laag vuur en roer regelmatig om.
Voeg af en toe kookvocht toe.
Klein vuur aanhouden en geduld oefenen. Quality time terwijl de ruimte zich vult met heerlijke geuren.
*zet de stem van de verteller bij kabouter wesley op*
vier uur of meer later
Snij de blokjes Tempeh in dunne plakjes
Verhit olijfolie in een pan (heet laten worden!) en voeg de tempeh toe.
Kruiden naar smaak
Opdienen en laat het smaken.

Soms heb je het gevoel dat de techniek nog een serieuze weg af te leggen heeft. Het volgende moment vind je diezelfde techniek in je jaszak. Nog voor je kan denken: hadden we nu al maar… dan is er aan deze of de andere kant van de wereld iemand mee op de proppen gekomen.
Neem nu Qik, een videoservice voor mobiele telefoons waar je live video mee kan maken en bekijken. Geen camera nodig, een smartphone (hoe langer hoe vaker vind ik dit een gruwelwoord) en een beetje internetconnectie en je kan live de ether in. LIVE. Zoals in rechtstreeks. LIVE zoals in breaking news en uw verslaggever ter plaatse.
Gisteren stond ik bijvoorbeeld aan het De Coninckplein. Uit de zijstraat die in Antwerpen en reisboekjes bekend staat als China town hoorde ik drums en belletjes. Chinees nieuwjaar. Met draken en bommetjes en muziek, echt leuk om zien. Om even live de ether in te sturen ook. Geen breaking news maar toch.
Techniek jongens, het staat voor niets.
Is er een complot? Wordt er informatie achtergehouden? Waarom is het publiek niet op de hoogte? Waarom was Jannie Haeck te gast in Ter Zake en heeft hij ons niets verteld? Waarom is er nog steeds geen schuldige aangewezen? Hoe komt het dat Etienne Schouppe zou nadrukkelijk uit beeld blijft? Het volk verwacht antwoorden.
Je zou denken dat een serieus medium de handen uit de mouwen steekt en even het telefoonnummer van Haeck uit de lijst haalt en de man aan de tand voelt. Of dat ze Schouppe om een reactie vragen.
In de plaats krijg je een spoorwegspecialist. De conclussie: er zijn nog veel vragen. Om daartoe te komen zijn om en bij de 5 minuten zendtijd nodig.
Cafépraat in de ochtend. Cafépraat die je ook in kranten kan lezen, daar niet van.
Wij hebben een abonnement op de krant. Ik weet het, het is ouderwets, het verbruikt papier en een voldaan gevoel hou je daar niet van over. Het is niet anders. Het is een van ouders op kinderen doorgegeven traditie en zo meteen is het er nog niet uit.
Mijn lief pendelt, dus neemt zij de krant mee op de trein en blijf ik achter met het nieuws van eergisteren in de krant van gisteren. Het nieuws an sich kan ik overslaan, dat heb ik inmiddels via andere bronnen geconsumeerd. De wetenschapsbijlage op donderdag is wat minder nieuwsgevoelig.
Dus krijg ik vandaag het artikel “Einsteins algemene relativiteitstheorie wordt bevestigd in het lab” onder ogen. Ik meen dat ik er al iets over had gehoord had. Evengoed duik ik het artikel in. De journalist schrijft een goed krantenartikel: hij leidt in en vertelt wat de algemene relativiteitstheorie zegt: de tijd gaat trager op de begane grond dan hoog in de lucht. Juist ja.
Daar stuit ik dus op de grens van wat een krant voor mij, anno 2010 nog kan betekenen. Nu ben ik geen fysicus, noch ken ik het alpha en omega van de sterrenkunde en het werk van Einstein. Iets in mij zegt dat ik met die twee zinnetjes de essentie van de rest van het artikel ga missen.
There’s an app for that en die app heet chrome. Die vind ik snel op mijn MacBook. Even algemene relativiteitstheorie in de zoekbalk pleuren en hups: daar komt een artikel. Verleg ik mijn zoektocht naar het Engels, dan kom ik al snel op sciencedaily en kan ik lezen zoveel ik wil (en kan begrijpen).
Je zal mij niet horen zeggen dat kranten geen toekomst hebben. Wel integendeel. Er is zoveel bagger out there dat ik door de bomen het bos niet meer kan zien. Maar mag het iets meer zijn dan enkel de samengevatte vertaling of een kopij van het persbericht? Mag het wat meer zijn dan wikipedia en mag ik ook meer weten dan wat jullie mij willen vertellen?
Toegegeven, ik heb iets verzwegen, beste lezer. Twittervrienden, er is iets dat ik moet vertellen. Facebookers aller landen, ik heb iets achtergehouden. Jullie die alles weten. Familieleden, vrienden, ik weet het, misschien had ik jullie allemaal moeten bellen. Maar jullie zijn met zovelen.
Ik wil jullie iets vertellen. Heel stil en fluisterend. Luid en duidelijk. Roepend en dansend. Want ik ben blij en gelukkig maar ook in afwachting. Misschien is verwachting een beter gekozen woord. Het lief, mijn lief, zij, V is zwanger.
De planningsdatum staat op 28 augustus en bij de controle gisteren was alles helemaal goed. Het was de eerste keer dat ik bij zo’n gynaecoloog was en het moet gezegd, als je dat kleine leventje daarbinnen ziet, het doet wat met een mens.
Mijn lief wil niet graag op internet, dat weet u vast. Ik respecteer dat. Hetzelfde geldt voor onze baby in wording. Die komt niet op het net. Niet op facebook. Niet op twitter. Niet hier. Of het moest in tekst zijn. Klaar. Goede afspraken maken goede vrienden.
In de komende maanden zal ik jullie updaten met het laatste nieuws. Enkel uit mezelf. Ik mag dan het kind niet dragen, vader worden is ook niet niets, zo hoor ik
Intussen lees ik alvast geekdad.
Het is bij dramatische ongevallen zoals dat van deze ochtend altijd interessant kijken naar de nieuwsverslaggeving. Als een soort beroepsmisvorming of vakidiotie kijk ik dan naar de nieuwsverslaggeving zonder naar het nieuws an sich te kijken.
Een vast patroon tekent zich daarbij af. Media wijzen steevast op hun snelheid en op het live-karakter van hun verslaggeving. Ze wijzen op het nieuwskarakter van de berichten en wijzen op de volledigheid. Niets wordt verzwegen. Zodra we meer nieuws hebben, komen we bij u terug.
Online media gooien zo snel mogelijk foto’s, video’s en tekst online. Harde, zuivere feiten. Schijnbaar. Een botsing. Een ongeval. Doden. Vragen, heel veel vragen en witruimte. Geen stilte. Vooral geen stilte maar nieuws en meer nieuws. Zolang het maar oplevert. Je kan het hen niet kwalijk nemen. Hoewel. Recuperatie als verdienmodel.
Niet dat klassieke media zich zomaar laten verdringen. Bij de VRT hadden ze haast onmiddellijk een ploeg ter plaatste. Michael Van Droogenbroeck heette te zijn aangekomen nog voor de hulpdiensten. Hij was getuige geweest van het aankomen van de hulpdiensten en had met eigen ogen kunnen vaststellen dat de twee op elkaar gereden treinen een ware ravage hadden aangericht. Hij liet de camera inzoomen. Zo kon ook de kijker getuige zijn van verwrongen staal en het werk van de hulpdiensten. De eeuwige objectiviteitsobsessie.
Bovenal is hij live ter plaatse. Niet alleen kon de kijker dat zien, om elke schijn van trucage te ontkrachten wordt er ook bij elke regiewissel duidelijk op gewezen. Michael, jij bent voor ons ter plaatse. Ook tijdens herhalingen. Keer op keer blijft de journalist dezelfde zinnen herhalen. Steeds weer wordt er live overgeschakeld. Het bericht van kwart voor één mocht dan een tot op de bit en de byte nauwkeurige kopie zijn van het nieuws van half twaalf, niets deed vermoeden dan Van Droogenbroeck niet even iets meer zou zeggen, dat hij geen extra getuige ten berde zou brengen.
De echte vraag is echter: hoeveel nieuws verstrekt het nieuws? Met andere woorden: wat is de waarde van de berichtgeving. Ik bedoel dan niet: hoeveel winst, omzet of waarde kan er met de berichtgeving worden geproduceerd of hoeveel % van de jaardoelstelling haalt de openbare omroep met één extra journaal maar hoeveel nieuwswaarde wordt er geleverd.
Hoeveel toegevoegde waarde hebben de verschillende berichten? Wat is de waarde van een liveverslaggever. Hoeveel waarde heeft een ooggetuige die het vooral over het gevoel heeft. Hoeveel waarde hebben beelden van verwrongen staal en wat vertelt een kind in de armen van een man?
Ongevallen zijn makkelijke onderwerpen. Ze zijn makkelijk in beeld te brengen en vergen nauwelijks correctie. Geen politieke evenwichten. Nauwelijks woord, laat staan wederwoord. Voor visuele media zoals televisie en bij uitbreiding ook het multimediale internet zijn ongevallen een stuk makkelijker dan politiek nieuws. Laat staan internationaal nieuws.
Zodra het nieuws in de standaardberichtgeving komt, valt het onder de gewone regels van het televisienieuws. Uiteraard is het nieuws van het ongeval het enige hoofdpunt. Uiteraard. Maar het format blijft heilig. Hoe uitzonderlijk het nieuws, hoe rampzalig en dramatisch ook. Steeds dringt zich de televisierealiteit op. Het nieuws bestaat uit de elementen binnenland, buitenland, sport, faits divers en sport.
Je kunt van verslaggeving rond ongevallen niet veel verwachten. Feiten, schijnrealiteiten (slachtoffers worden zorgvuldig buiten beeld gehouden) en open vragen. Steeds afgestemd op het verhaal dat verteld kan worden. Daarom wordt er gesproken over chaos. Chaos dekt daarbij zowel de medialading als de lading van de gebeurtenissen.
Er is echter één groot verschil tussen wat we de gebeurtenissenchaos en de mediachaos zouden kunnen noemen. Chaos is maar interessant zo lang je de kijker kan vertellen uit welke elementen de chaos bestaat. De chaos zelf is hoogst ondankbaar mediamateriaal.
Heel hard moeten lachen met dit fragment vorig weekend. Sven Kramer, de winnaar van de gouden medaille op de 5 km langebaanschaatsen wordt geïnterviewd en dat begint nogal gek…
De straten van Borgerhout liggen er al enkele dagen zo glad bij als spiegels. Dat bedoel ik niet in de overdrachtelijke zin van het woord. Correcter zou zijn: als de schaatsers niet met z’n allen in Vancouver zaten, dan zouden ze hier ter plaatse recordwedstrijden op laaglandbaan organiseren.
Het zout is op. De sneeuw van een aantal dagen geleden is gesmolten en aangevroren. De bestrating van ons dorp-in-de-stad was de laatste dagen officieel ijzel. De stad riep op geen onnodige verplaatsingen te maken.
Stiekem vind ik het leuk. Met mijn fiets ben ik meester van de zaak en het kind in mij komt zo nog eens / eens te meer naar boven. Vrije baan uitgekozen. Links, rechts, achter, voor, geen auto te zien, voetje zetten, achterrem dichtgooien, toertje draaien. Ja het is gevaarlijk en je moet zoiets niet doen maar toch. Leuk man, leuk.
Voor de rest van het weekend hou ik me wel aan wat de burgervader ons heeft opgedragen. Daarvoor is de digicorder al in de weer





