Tag Archive for 'lesgeven2.0'

Tips voor studenten voor (mondelinge) examens, een docent spreekt

Mijn eerste mondelinge examens als docent zitten erop. Mondeling met schriftelijke voorbereiding. Dat leek mij voor het vak communicatieanalyse de beste formule. Het vak is tot op zekere hoogte academisch en wetenschappelijk maar een niet-helemaal-correct antwoord met een goede redenering kan ook juist zijn.

Voor, tijdens en na de examens merkte ik enkele dingen op die ik wil delen. Zeker met studenten. De kloof tussen docent en student blijkt, ook bij het werken met kleine groepen, nog behoorlijk groot. Ten onrechte vind ik. We moeten af van het hoogverheven-docent-legt-uit-en-student-reproduceert-model. Daarom enkele studententips.

Dit kan je volledig legaal testen op docenten (alvast op deze)

  1. Vragen staat vrij
  2. Elke week zie je de docent, verplicht of niet verplicht. Elke week is er dus minstens één kans om onduidelijkheden op te helderen. Of het nu over het examen gaat of over de leerstof of over een benaderingswijze van de cursus. Elke week staan mijn collega’s en ik drie uur te spreken, dat kwartier voor of na de les kan er gerust nog bij.

    Bang voor directe confrontatie? Mensenschuw? Mijn contactgegevens staan op internet. De contactgegevens van bijna elke docent staan op het internet en als ze er al niet opstaan, dan kan je ze zeker raden. Voornaam punt achternaam at school punt be. Of bel naar het secretariaat.

  3. Student ben je samen
  4. Je moet er maar een keer op letten wanneer je in de les zit, al die mensen die in dezelfde richting kijken als jij, dat zijn soortgenoten. Jullie zitten samen in de les. Als de docent een woord gebruikt waar je nog nooit van hebt gehoord, dan is de kans niet gering dat er nog zo iemand zit.

    Docenten hebben dat niet altijd door. Even onderbreken, een hand opsteken. Simpel. Het is misschien wat ouderwets maar helpen doet het wel, flikken doen het ook als ze het verkeer regelen.

    Ook al eens gedacht aan het samen maken van een samenvatting? Of dat je een taak wel eens aan elkaar kan voorleggen voor je ze indient?

  5. Docenten zijn ook mensen
  6. Om zomaar iets te zeggen: tussen de examens heb ik een uur pauze. Tot iemand zich midden in dat uur inschrijft om examen te doen. Daar heb je als student alle recht op. Wees je er dan wel van bewust dat, als de eerste reeks examens wat uitlopen, de docent niet meer weg kan. Als je dan zonder verwittigen wegblijft, dan is de docent niet gelukkig.

  7. Meer dan de helft van de punten verdien je in de les
  8. Ik weet dat er op de wereld nog wat boeiender dingen aan de hand zijn dan mijn les. Veel grappiger dingen ook. Onderdruk die behoeftes voor drie uur en probeer je te concentreren, het helpt op het examen.

    Actieve participatie wordt daarenboven opgemerkt. De docent kent je naam niet tijdens de (eerste) lessen maar op het examen ziet hij je gezicht en kan hij je zo zeggen hoe je je onder het jaar in de les hebt gedragen.

  9. Schrijf je naam op alle examenbladen, ook al is het een mondeling examen
  10. Het is administratie en ook niet mijn beste kant, maar als docenten thuiskomen na een mondeling examen is hun taak niet af. Dan gaan ze nog eens door de examenformulieren, dan vergelijken ze met hun eerste quotering en dan stellen ze bij.

    Als je op alle papieren waar ‘naam:’ op staat je naam schrijft, dan scheelt dat in verbetertijd en vermijd je dat jouw examen met dat van iemand anders wordt verwisseld.

  11. Voorbeelden en meningen zijn geen leerstof
  12. Als een docent onder het jaar zijn persoonlijke mening over een theorie geeft, dan is die persoonlijke mening geen leerstof maar die theorie des te meer. Vorm een eigen mening en onderbouw die. Probeer ze uit op je medestudenten of op de docent.

    Hetzelfde geldt voor voorbeelden. Een voorbeeld op het examen reproduceren toont dat je het vak hebt gestudeerd maar je kan het zo raden dat hij je daarna een eigen voorbeeld vraagt.

  13. Docenten buizen niet graag
  14. Waarmee ik niet wil zeggen dat je je inspanningen best tot een minimum kan beperken. Wel integendeel. Op het examen tegenover een student zitten die je vak door en door heeft gestudeerd is een fijne ervaring en geeft voldoening.

    Weet echter dat het niet in de lijn der verwachtingen ligt dat een docent een volledige klas zal gaan buizen. Studeer ervoor en alles loopt goed.

  15. Studenten die alles kennen, hebben altijd geluk met de vragen
  16. Wees dan ook niet jaloers op de medestudent met de betere vragen. Hij of zij had blijkbaar net de vraag waar jij, zonder de stress van het examenlokaal het antwoord op weet. Dat betekent echter dat je een stuk had overgeslagen of minder grondig kende. Een examen is een steekproef, daar kan een docent ook niets aan doen.

    Of je een andere vraag kan krijgen? Neen, sorry. Bij de lotterij gaat het ook zo, verkeerde nummers ingevuld is niets gewonnen. Echter. Hier komt mijn docent-mens en docent-helper op de proppen. Meestal weet je meer dan je zelf zou vermoeden. Misschien zoek je het te ver. Een mondeling examen is een schaakspel, geen boksmatch.

  17. Studeer voor kennis, niet voor punten
  18. Weet waarom je studeert, als je dat enkel en alleen voor de punten doet, bereid je dan voor op een carrière van levenslang studeren. Kennis en wat je met die kennis doet, is veel belangrijker.

    Reflecteer daarom de inhoud van je cursus op je eigen leefomgeving. Of het nu over communicatieanalyse gaat of over het examen inleiding tot het auteursrecht, er is altijd wel iets waar je aan de hand van de cursus over na kan denken.

  19. Er is meer dan de cursus
  20. Als je marketingdeskundige wil worden, moet je lezen, veel lezen. Je moet weten wat de dingen zijn, wat ze inhouden. Hoe ga je een communicatieplanning opstellen als je niet weet welke doelgroep De Standaard voor ogen heeft?

    Als je bioloog wil worden, bezoek dan de zoo, lees over de zoo en haar dieren. Wil je astrofysicus worden, lees dan over het ISS, ook al is er geen enkele prof die je er iets over vertelt. Kennis van buiten de cursus betrekken op je examenvraag en je maakt een onvergetelijke indruk.

Er zijn vast nog 27 dingen te bedenken waar je als student op moet letten. Doe je ding hieronder in de comments.

Termen

Ik geef les. Communicatieanalyse. Aan graduaatsstudenten van het CVO Birm in Antwerpen. Voor de mensen die in een recent of ver verleden communicatiewetenschappen of andere hebben gestudeerd: bron, zender, ontvanger, effect, ruis en context, die dingen. Shannon & Weaver, de Saussure, Chomsky, die gasten. Nogal wat psychologie en sociologie ook.

Zeer interessant maar dat is allemaal niet gemakkelijk. Ik vind dat zelf ook. Drie uur (ik geef 3uur op één avond) geef ik maar van jetje en dan smijt ik de termen ertegen dat het een aard heeft. De verschillende aspecten van de bron, de elementen van de boodschap, de kenmerken van talen. Een woordenboek. Een encyclopedie. Helemaal vol.

Het zou anders moeten kunnen, misschien, met wat minder termen, met wat minder woorden van meer dan 7 letters en meer voorbeelden maar ik vind dat niet de taak van de lesgever. Mij is gevraagd kennis bij te brengen. Ik zie het als mijn taak om die termen aan te reiken, niet als blokmateriaal maar als werkmateriaal. Ik geloof niet in de alwetende docent die de klas kan gaan uitleggen wat ze van de media moeten denken, hoe ze evoluties moeten analyseren. Ik geloof niet in termen die, gezien de evolutie van de media vandaag, morgen of gisteren verouderd kunnen zijn.

Waar ik in geloof, zijn actieve docenten en kritisch-actieve studenten die het materiaal dat voorhanden is, vastpakken en door elkaar schudden. Docenten die zichzelf relativeren en studenten die niet als alles opnemende sponsen in klas zitten en maar aannemen wat de mens met de slides zo allemaal komt vertellen, op zijn verhoogje.

Alles is googlebaar geworden, kennis ligt op straat. De taak van de docent is leren kijken. Niet door het eindeloos met voorbeelden voor te doen, waarna studenten als aapjes achterop zijn alwettende kar kunnen springen maar door een bril aan te geven. Een manier van kijken aan te leren en kritische zin aan te wakkeren.

Kijken doe je met een woordenschat, de woordenschat die je gebruikt om na te denken en de woordenschat die je gebruikt om over dingen te spreken. Termen. Het zijn gebruiksvoorwerpen, net als hersenen en een powerpoint. Het gaat erom hoe je ze gebruikt.

Als er lezers zijn van deze blog, die doceren of les krijgen van docenten, ik hoor graag uw mening.

Vind je deze blog leuk?

read my rss feedqrcode