Categorieën
Uncategorized

Theater dat leest als een geschiedenisboek

Opus XX, dat is de nieuwe voorstelling van Theater Zuidpool, daar was ik gisteren. Klara besteedde er deze week al aandacht aan. Het interview met regisseur Koen van Kaam, kan je beluisteren op de Klara website. Het stuk is gebaseerd op het boek Europeana van Patrik Ourednik. Niet alleen de feiten die in het boek aan bod komen maar ook de vertelstijl van Ourednik wordt overgenomen.

Het geheel aanhoor je dan ook als een ironische stream of consciousness met grote en kleine momenten uit de 20ste eeuw. Sofie Decleir spuwt anderhalf uur lang feiten, namen, cijfers en samenhangen. Een prestatie die op zich al indrukwekkend mag worden genoemd. De manier waarop de voorstelling in elkaar is gezet, is sober en contrasteert scherp met de vaak exuberante feiten die aan bod komen.

Wij hebben genoten en als u dat ook wil doen, kan u beter kaartjes kopen want de speelperiode is niet zo heel lang. Informatie op zuidpool.be. Als je na de voorstelling meer wil weten over de 20ste eeuw, kan ik het iets lijviger Een eeuw van uitersten van Eric Hobsbawm aanbevelen.

Update: als ik niet overtuigend genoeg ben, probeer dan De Standaard eens

Categorieën
Uncategorized

OpusXX

Vanavond ga ik naar Zuidpool, het theater uit Antwerpen Noord. Hun productie van vorig jaar, Kreon, vond ik geweldig. Dit najaar staat OpusXX op het programma. De affiche vind ik dit jaar persoonlijk wat minder maar zo’n Disney figuurtje heeft natuurlijk nogal wat betekenislagen. Jammergenoeg vond ik er ook geen bruikbare afmeting van om als illustratie te gebruiken maar daaraan wordt gewerkt… Hier is alvast een scènefoto.

Foto van op Raymond Mallentjer op zuidpool.be

Categorieën
Uncategorized

De onderschatte kunst van het samplen

Op vrijdagavond zijn er in den Delhaize steeds samplingsessies. Omdat ik met een koptelefoon door de winkel struin wordt er mij zelden iets aangeboden. Ik vind dat jammer. Ik proef namelijk graag nieuwe dingen. Omdat mijn podcasts nooit luid staan, kan ik mensen perfect horen en ik ben sociaal bovendien. De man voor mij en de dame achter mij krijgen echter lekkers, de schijn is tegen mij en dus wordt er mij niets aangeboden.

Wel heb ik daarmee een ideale observatiepost. De samplinghosts en hostessen zijn door mij heen aan het kijken naar de volgende klant en dus kan ik ongegeneerd terugkijken naar de volronde dames die gezondheidsproducten aanprijzen terwijl ze net een sigaret zijn gaan roken en daar dus nog uren in de wind naar ruiken. Maar dan wel benecol of iets soortgelijks aanprijzen. Zichtbaar overgewicht en al.

Vanuit mijn observatiepost kan ik ook strategische aanvallen plaatsen. Vandaag deed ik er zo eentje. Er was een sampling voor Campbell’s soep. Het is koud dezer dagen en vorige week gebruikte ik nog een Warhol in mijn lesvoorbeelden. De marketing had in mij een gewillig slachtoffer. Ik wou dus wel eens proeven van die tomatensoep.

Koptelefoon rond de nek gehangen en jawel: “mijnheer, wil u proeven”. Dat wilde ik. Kon mevrouw mij echter zeggen of er balletjes aanwezig waren en of er vleesbouillon werd gebruikt bij de productie van Campbell’s soup? Op de eerste vraag antwoorde ze negatief, over de tweede bleef ze het antwoord schuldig. Haar gezicht was inmiddels op donder gezet en mijn suggestie om even op de doos te kijken liet ik maar achterwege, hoewel het een mooie woordspeling was geweest.

Laatst was er een sampling voor een wodkamerk. De jongedame die me het drankje niet aanbood zag er hip en fris uit. Eerlijk is eerlijk, dat meisje zag er goed uit. Ze had een Russische muts op en presenteerde aan andere klanten met flair.Het moet warm zijn geweest met dat ding op haar hoofd, toch had ze een glimlach opgeplakt. Ook mij bood ze een glaasje aan (uitzondering, o uitzondering), ik bedankte. Zij deed haar job en keek uit naar de volgende klant die de wijnafdeling zou verlaten.

Zo hoort het dus. Ik wil niet eisen dat alle samplinghostessen 1 meter 75 moeten meten en niet boven de 60 kilo mogen uitkomen maar een beetje merk wil toch gepresenteerd worden door, nou ja, representatieve mensen. Wat ik dus wil zeggen is dat sampling ondergewaardeerd wordt. Campbell’s heeft in mij een potentiële klant en de presentatrice kent het product niet. Is dat gebrek aan opleiding? Slagen bedrijven er niet in van hun samplingmensen endorsers van het merk te maken?

De helft van de presentatrices (m/v) vindt het niet de moeite mij gewoon aan te kijken. Omdat ik jong ben? Omdat ik een koptelefoon draag? Ik ben geen klant voor Benecol maar werp mij een glimlach toe. Toon u van uw beste kant en toon dat je bij het merk hoort. Het is maar een voorstel hé. Maakt het vrijdagritueel voor iedereen een betere ervaring.

Categorieën
Uncategorized

Of zo

Als u zich dezer dagen in artistieke milieus zou willen begeven: probeer dan ‘of zo’ in uw stopwoordenlijst op te nemen. ‘Of zo’ is een geneesmiddel zonder overdosisoptie. Het komt er dus op neer niet enkel op het einde van de zin ‘of zo’ te zeggen maar liefst ook nog eens halverwege de zin en bij elk tussenwerpsel. Dat komt artistiek over of zo. Denk ik of zo.

Categorieën
Uncategorized

Haikumania

Haiku (俳句; meervoud: haiku of haiku’s) is een vorm van Japanse dichtkunst, geschreven in drie regels van 5, 7 en 5 lettergrepen. De haiku drukt, in de klassieke vorm, een ogenblikervaring uit, soms gelinkt aan en geïnspireerd door Zen. De haiku is een vingerhoed vol emotie, waarin weinig ruimte is voor ontledingen en benaderende omschrijvingen. Also sprach wikipedia.

Sedert de aanstelling van Herman Van Rompuy als eerste permanente voorzitter van de Europese Raad, aka president van Europa kent België en in meer of mindere mate ook Europa deze klassieke oosterse dichtvorm. Op de dag van de verkiezing, 19 november laatstleden vroeg ik me af, en ik citeer: “zou de analytics van de Haiku-pagina op wikipedia van vandaag wel eens willen zien. #vanrompuy #president“. Dat alles vertelde ik met zoveel woorden op twitter.

Aan de analytics van Wikipedia, daar valt voorzeker niet achter te komen, dus hield ik google trends in het oog. Met best wel interessante grafieken als resultaat. De bovenste grafiek geeft de zoektrends voor België aan, de onderste grafiek doet hetzelfde voor de rest van de wereld (inclusief België als symbolische druppel op de plaat).

Belgen blijken inderdaad op zoek te gaan naar het woord ‘Haiku’ als Herman Van Rompuy in de media komt. Op 19 november is naar alle waarschijnlijkheid meer gegoogled naar het woord dan in de 5 jaar daarvoor. In de rest van de wereld heeft onze president niet zo’n grote indruk gemaakt. Een hupsje omhoog en een vlaggetje ten teken van de aanstelling.

Wat intrigerend is aan de onderste grafiek, is dat de wereldwijde zoektocht naar ‘Haiku’ een cyclische trend vormt doorheen het jaar. Rond nieuwjaar wordt er weinig gezocht op het woord, waarna een stijging en een piek in het derde kwartaal. Overall is er dan weer een dalende trend.

Bekijken we alles iets meer in detail (30 dagen), dan zien we dat er effectief een burst van een dag is in de zoektocht naar Haiku’s. Na tweeënhalve dag heeft google in België opnieuw geen cijfers meer die ze als relevant beschouwen. Het verschijnen van het woord Haiku is nauw gelinkt aan deze zoekopdrachten. De staart is iets langer en -opmerkelijker- de nieuwsberichten liggen nauwelijks voor (in de tijd) op de zoekopdrachten.

Wereldwijd zien we die trend terugkomen, zij het in minder extreme mate. Gewoon omdat de wereldwijde zoektocht iets gelijkmatiger verloopt. Dat heeft een logische, statistische verklaring. Opvallend is dat België in de laatste dertig dagen op de tweede plaats komt qua zoekvolume op de term Haiku. We kunnen dus weldegelijk spreken van een kortstondige Haikumania in onze contreien.

Categorieën
Uncategorized

One more hit baby

Je zal mij zelden treffen terwijl ik naar MNM, Q-music of een ander radiostation voor populaire muziek luister. Tenzij u binnenkomt terwijl ik aan het radiozappen ben. Klassiekers daarentegen, daar hou ik van, meestal gaat het dan over rockmuziek uit de jaren waarin mijn vader nog jong was en ik nog niet geboren.

Terwijl ik naar de BBC-reeks The story of the noughties aan het luisteren was, viel mij echter op hoeveel hits Spears, B. zo heeft gescoord in het bijna voorbije decennium. Ze is een heuse mevrouw die een plaats in de popgeschiedenis zal krijgen. Een lijst van haar hits opstellen zou wat saai zijn en daarenboven staat die al op wikipedia. Gelukkig zijn er ook samenvattingen met beeld en alles van haar oeuvre te vinden. Deze bijvoorbeeld.

Categorieën
Uncategorized

Modiste

Structuur, ook daar draait een blog om. Structuur zoals in: alle dagen een blogpost. Structuur zoals in verwante thema’s. Vandaar is er vanaf heden op maandag de rubriek “Het woord van de week”. Deze week is dat modiste.

Modiste is een prachtig woord. Vrouw die modeartikelen voor dames, met name dameshoeden, vervaardigt en verkoopt. Heerlijk. Veel mooier dan hoedenmaakster. Hier zien we een modiste in de deur van haar winkel aan de Turnhoutsebaan in Borgerhout staan.

Ik kwam het woord tegen in mijn eigen geheugen toen ik door de foto’s bladerde waaruit we putten om de Krugerplein Peperbus blog te illustreren. Daar vond ik bovenstaande foto. Ik dacht: “hé, een modiste”. Toen ik klein was en nog in Edewalle aan het togen was, woonde er een modiste. Men noemde haar ook zo, maar niet als ze er bij was. Je zou nooit zeggen: “dag modiste, hoe gaat het nog met je hoedenwinkel?”. Je zei: “dag mevrouw” of je noemde haar bij haar voornaam als je die kende. Ik ben die naam vergeten.

De modiste werd in de dagelijkse omgang van de dorpsbewoners benoemd aan de hand van haar beroep, ook al was ze oud en bejaard en maakte ze al lang geen hoeden meer. Aangezien ze de enige modiste in het dorp was, ontstond er ook nooit verwarring. In ons dorp was er van alles maar één. Eén kerk, één pastoor, één bakker, één beenhouwer, één school. Alleen waren er twee cafés. De eigenaars werden dan ook bij hun voornaam genoemd, samen met de naam van hun café. Maar dat is een ander verhaal.

Jammer dat er nog zo weinig zijn, modistes. Dat je haast nooit eens kan zeggen: “ik kwam straks de modiste nog tegen”. Dat komt natuurlijk omdat niemand nog een hoed draagt. Ook dat is jammer. Lang leve hoeden, lang leve modistes. Het is mijn eerste woord van de week.

Categorieën
Uncategorized

Tweetlevel of het verhaal van de kinderhand

Zo van tijd tot tijd verschijnen er nieuwe twitterstatistiekenapplicaties op het interwebz. Ik vind die leuk. Mijn naam gaat er telkenmale even door. Twitter is not a game but I am winning, zoiets moet het wel zijn. Toen ik op tweetlevel mijn naam en avatar zag verschijnen tussen @filosoof en @pietel vond ik dat best leuk. Eigenlijk feitelijk. Misschien zegt het u allemaal niet veel maar ik kreeg er terstond een egoboost van.

Categorieën
Uncategorized

La vie cachée de vous-même

Het is er nog van gekomen, een klein experimentje. Mijn eerste poging was op een mislukking uitgedraaid wegens té experimenteel. Deze lijkt wel geslaagd. De persoon die deze reeks heeft opgezet was er alvast zeer over te spreken. Meteen is het mijn laatste verhaal in deze serie. Gewoon, omdat de maand om is en de month uit national novel writing month november is.

Voor een evaluatie is het nog even te vroeg maar ik blijf wel stukjes schrijven, zoveel is zeker. Ik moet nog nadenken over de vorm die één en ander zal gaan aannemen maar daarover dus later meer. Veel leesplezier met mijn laatste nanowrimo-verhaal.

Disclaimer: mijn corrector is nog niet langs geweest.

La vie cachée de vous-même

We hebben vier personages. Twee mannen en twee vrouwen, dat komt goed uit. We hebben een dochter met haar nieuwe lief en een vader met zijn maîtresse. Als uitgangspunt zit ook dat goed. We hebben de spanning van de dochter tegenover de vader en de maîtresse. Daarnaast situeert zich het spanningsveld van de nieuwe relatie. We bevinden ons in een Parijs’ café. Parijs, de stad van de liefde, ook dat is niet geheel toevallig. Ons hoofdpersonage is Stefanie, de dochter en ook het kruispunt van de emotie. Even kijken hoe die op deze situatie reageert.

Stefanie zat, nog steeds van haar melk, aan het tafeltje van het kleine Parijse café waar ze dan maar met hun viertjes waren gaan zitten. Naast haar Frédéric. Tegenover haar haar vader. Daarnaast zat zij. Zij zonder naam. Zij die ze even tevoren met haar vader had betrapt.

“Dit is Eveline”, vertelde haar vader, “zij is mijn persoonlijke assistente”. Stefanie voelde de walging opkomen, keek van haar vader naar Frédéric, dan terug. Even kruisten haar ogen die van Eveline. Een fractie van een seconde maar. Ze keek haar vader aan met ogen waarin de vraagtekens zelfs voor hem te nadrukkelijk aanwezig waren om te negeren.

Het verhaal dat wij gaan vertellen gaat uit van de beperking. Niet meer dan 2200 karakters is het bevel, minder dan 1666 mag ook niet. Daarom zullen we er vaker wel dan niet voor kiezen om clichés te gebruiken. Dit is het eerste cliché, de vader is opgestoken met zijn persoonlijke assistente. Stel dat we een willekeurige persoon zouden nemen, dan zouden we een groot deel van onze tijd samen verspelen met het lezen respectievelijk schrijven van het verhaal van de kennismaking. We moeten voortmaken. Onze tijd is beperkt. Wat we niet weten is hoe de vader ertoe gekomen is met zijn persoonlijke assistente aan te pappen. We lichten een tip van de sluier.

Er kwam een fles wijn aan. De ober someerde Stefanies vader te proeven. “Très bien”. Zijn vaste uitdrukking voor caféwijn wist Stefanie. Haar vader kende iets van wijn maar was het stadium voorbij dat hij categoriek elke wijn weigerde die niet aan zijn hoge standaarden voldeed. Dat had hij vroeger wel eens gedaan. Tot grote schaamte van Stefanie en haar moeder.

Dan gingen ze wandelen in de heide en gingen ze iets drinken in het tot brasserie omgebouwde station. Haar moeder vond het oord verschrikkelijk, haar vader had het niet begrepen op de wijn. Stefanie vond de chocolademelk heerlijk. Wanneer hem daar een glas werd voorgezet en het beviel niet, aarzelde hij geen moment. Hij stond op. Trok zijn lange jas met de nodige zwier aan. Maande zijn vrouw en dochter aan tot snelheid, liet het geld, tot op de laatste frank afgemeten op tafel liggen en verdween in absolute stilte. Als hij een ober op zijn weg naar buiten trof, mompelde hij dat zij er ook niets aan konden doen maar dat ze hun baas moesten zien te vervangen. De meisjes die er opdienden, studenten nog vaak, werden rood en zeiden dat ze het zouden doorgeven. Dat het hun speet en dat hij eventueel een ander glas. Tegen die tijd had hij de deur al lang achter zich dicht gedaan.

Dat was haar vader ten voeten uit. Hij zou nooit keet schoppen, wat er ook aan de hand was. Haar moeder was zijn natuurlijke tegenpool. Zij liet nooit na haar spoor achter te laten, diep in de ziel van de mensen die haar zo goed mogelijk bedienden. Eens waren ze gaan eten in een nieuw restaurant dat net was opengegaan in hun buurt. Het menu maakte duidelijk op welk segment van de plaatstelijke bevolking ze zich wilden richten.

Stefanie was er samen met haar ouders geweest tijdens het openingsweekend. Zowat de hele buurt was er aanwezig. Ze zag haar vriendinnetjes van school aan de andere tafels in boekjes kleuren en tekenen, sommigen hadden hun gameboy meegekregen. Stefanie had helemaal niets meegekregen. Even probeerde ze wat creatiefs met het bestek maar tevergeefs. Ze moest aan tafel leren zitten zoals de grote mensen, had haar moeder haar aangemoedigd. Stefanie had een aantal ontsnappingspogingen gedaan maar was keurig door haar vader in het gareel gehouden. Toen één van de kelners met een kleurboek en potloden aan kwam zetten gaf Stefanies moeder een lezing over opvoeding en goede manieren. Niet alleen voor de ober en de rest van het personeel maar ook voor de tafeltjes in de ruime omtrek van datgene waar Stefanie en haar vader in stilte leden.

Telkens weer hadden Stefanies ouders ruzie over de opvoeding en in welke mate daar op verplaatsing van afgeweken kon worden. Haar moeder wilde onder geen beding van haar strenge opvattingen afwijken. Haar vader was veel soepeler. Ook in het matchen met verschillende mogelijke partners had haar vader zich afzijdiger opgesteld.

Cafés en restaurants zijn in deze korte reeks verhalen vaak gebruikt om aan te geven over welke personages het hier gaat. Stefanie, de dochter heeft een afkeer van sjiek, haar ouders zijn rijke mensen en gaan dus vaak duur op restaurant. Hier introduceerden we aan de hand van het culinaire een mogelijk breekpunt tussen de ouders. Het toont hun gelijkenissen maar ook en vooral hun verschillen. Dat moet onvermijdelijk tot conflicten lijden over de opvoeding van Stefanie, daar zijn we het over eens, niet? Eens kijken hoe de situatie rond het betrappen wordt opgelost.

Nu zat Stefanie tegenover hem in een Parijs’ café en dronken ze samen wijn. Ze toasten op Parijs. Stefanie probeerde het niet te laten opvallen dat ze niet met Eveline klonk. Die hield haar glas nog steeds boven het midden van de tafel, in de richting van Stefanie toen die het glas al aan haar lippen zette. De wijn was meer dan behoorlijk voor een café.

“Vertel”, zei haar vader, “hoe bevalt Parijs jullie”?  Haar vader beheerste de kunst om je op zo’n momenten op die vraag te laten antwoorden. Eigenlijk wilde Stefanie hém om uitleg vragen maar de kalmte straalde van haar vader af en dus begon ze de uitleg. Hoe ze die avond hadden gegeten, gewandeld hadden langs de Seine. Hoe ze de bruggen over waren gewandeld, hoe ze stil waren blijven staan bij de stalletjes die boekenverkopers er dag in dag uit, van vroeg in de ochtend tot ’s avonds laat uitbaten. Frédéric toonde de poeziebundel die hij had gekocht ter illustratie.

Heel even wordt de spanning opgedreven. De wijn, de wandeling in Parijs, zijn allen niet tot het verhaal bijdragende elementen. Toch is de situatie van wederzijdse stilte niet lang vol te houden, we moeten immers naar een climax.

“Jullie zijn druk met het werk?”, Stefanie flapte het er ineens uit. Ze probeerde nog even neutraal te klinken maar wist dat er iets van haar gevoel in haar stem te verbergen. Eveline kleurde roder dan het logo op het antieke coca-cola uithangbord dat achter haar hoofd tegen de wand van het café was opgehangen. Ze stamelde even. Stefanie had met haar te doen. Ze moeten het spannend hebben gevonden, dacht Stefanie ineens. Spannend dat ze in dezelfde stad als zij rondwandelden en dat ze elkaar misschien wel zouden tegenkomen. Zij zouden dan Frédéric en Stefanie hebben gezien en zouden samen een zijstraatje zijn ingedoken. Daarna zouden ze naar hun hotel zijn gegaan. Nu was de spanning eraf en bleef Eveline op haar eerste woorden hangen.

“We waren hier voor een klant”, Stefanies vader nam de situatie opnieuw in handen. “We zijn gebleven voor het weekend, en inderdaad Stefanie, Eveline is inmiddels meer dan alleen mijn persoonlijke assistente”. Stefanie stond op en wandelde in de richting van de toiletten. Frédéric ging haar achterna. Stefanie huilde. Veel van haar vriendinnen hadden gescheiden ouders, sommige ouderparen waren uit elkaar gegroeid maar leefden nog wel samen. Stefanie kon binnenkort dus het verhaal van de persoonlijke assistente gaan opdissen. Het leek haar allemaal zo B, zo ordinair. Een verhaal uit de flair of andere vrouwenbladen.

Frédéric legde zijn hand op haar schouder. Zij drukte zich tegen hem aan. Daar stonden ze, midden in een Parijs café. Stefanie probeerde in te schatten wat het effect van deze avond op haar relatie met Frédéric zouden betekenen. De tranen liepen nu in beekjes langs haar wangen. Ze voelde hoe Frédéric zich nog iets dichter tegen haar aantrok. Ze hoorde hem troostende woorden spreken.

Het hoofdpersonage vlucht voor de ontstane situatie en wordt getroost door haar vriend. Zo zou het in stationsromans ook lopen. De verwijzing naar vrouwenbladen is dan ook een verwijzing naar de auteur, die zichzelf wil relativeren. We surfen van cliché naar cliché maar krijgen de echte personages niet te zien. Ze bestaan uit karton en hoe hard we ook ons best doen, leven is er niet in te krijgen. De lezer heeft weinig nodig om het verhaal in te kleuren en iedereen kan zich herkennen in de situatie. Ergens moet er een uitweg gevonden worden voor de patstelling waar we ons in bevinden. Een flashforward naar huis zit er niet meer in, alles moet aan dat tafeltje in Parijs worden opgelost.

Stefanie zette zich terug op haar plek en excuseerde zich. Eveline wist zich geen blijf met haar handen. Nu weer eens legde ze gevouwen op het tafeltje, dan weer in haar schoot. Ineens nam Stefanies vader haar handen vast, leidde haar linkerhand in zijn rechter en legde er zijn linkerhand overheen. Haar kleine handen verdwenen in zijn grote handen. Ze leek te kalmeren.

“Mama en ik zijn al een tijdje op zoek”, sprak haar vader. De uitleg waar Stefanie niet zat op te wachten zat eraan te komen. “Na al die jaren samen begon er sleet op onze relatie te komen, we hebben jou erbuiten willen houden. Stefanies wereld stortte in. Met het verval van haar ouders’ relatie waren alle zekerheden ineens verdwenen. Ze had niets doorgehad, er waren ruzies, en ze merkte ook dat haar vader zich hard op zijn werk stortte maar dit had ze niet verwacht.

“Hoe lang al”, Stefanie kreeg het maar net gezegd. “Twee jaar”, haar vader had duidelijk beslist dat het uit was met de geheimdoenerij, dat Stefanie er nu mee zou moeten kunnen omgaan. “Heeft mama ook…?”, Stefanie keek onwillekeurig in de richting van Eveline. Haar vader dacht van niet, maar zeker kon hij het haar niet vertellen. Hij vertelde hoe Eveline tweeënhalf jaar geleden zijn assistente was geworden en hoe zijn gevoelens voor haar waren gegroeid terwijl zijn huwelijk aan het slabakken ging. Hij vertelde Stefanie, die steeds vaker naar een geïnteresseerd luisterende Frédéric begon te kijken, hoe hij en haar moeder op zekere dag hadden afgesproken om samen te blijven. Hun verstandhouding was nog steeds goed maar de sleet was op hun relatie komen te zitten, niet meer, niet minder.

Een shockerende gebeurtenis voor de dochter. Onder haar neus (en dus ook onder de neus van u, de lezer) hebben twee keurige, sjieke mensen waarvan je helemaal niet verwacht dat ze scheve schaatsen rijden met elkaar afgesproken dat het wel kon, als één van hen daar behoefte mocht aan hebben. Langsheen het liefdesverhaal van twee jonge mensen liep een verhaal dat misschien veel interessanter was. Wij hebben er echter voor gekozen om dat niet eerder te vertellen.

Stefanie stond op en trok haar jas aan. Frédéric, die als een huisdier aan een lis inmiddels aan haar vast hing deed hetzelfde. Hij zag hoe ze haar vader tot weerziens kuste. Hij drukte de man die hij voor het eerst had ontmoet in deze pijnlijke omstandigheden de hand en zag op dat moment uit zijn ooghoek hoe Stefanie de nieuwe vlam van haar vader een tik in het gezicht verkocht. Hij zag hoe de vingers zich aftekenden op de wang van Eveline en hoe het hele café keek wanneer een tranen met tuiten huilende Stefanie de deur doorliep, zich omdraaide en Frédéric tot spoed aanmaande.

Een open einde. In dit geval een sociale optie. Dit verhaal kadert in een serie waaraan meerdere auteurs meewerken. Het volgende verhaal kan opnieuw één van deze personages gebruiken. Het open einde waarbij de verschillende personages hun eigen weg gaan, laat die persoon toe vrij te kiezen. Als ik haar vier personages zou geven, dient zij hen te scheiden of zit ze met hen opgezadeld voor een nieuw verhaal waardoor alles stil zou komen te vallen. Indien ze niet verdergaat met deze personages kan u, de lezer vrij kiezen welke richting deze individuen uitgaan. Vrij totdat een schrijver u op zal leggen te weten waar deze wat verder ingekleurde kartonnetjes uitgaan.

Categorieën
Uncategorized

Wordt de canvascollectie een (wordpress)blog?

Vandaag nog maar eens wat RSS-feeds gelezen. Het was een tijd geleden dat ik nog eens ten gronde was gegaan en kijk, je ontdekt altijd wat als je zo bezig bent. Dat de canvascollectie wel eens een blog zou kunnen krijgen/worden bijvoorbeeld. Dat de canvascollectie opnieuw van onder de vleugels van Lux zou kunnen komen.

Wat zien we daar? Op 18 november laatsleden staat daar plompverloren een Hello World-post die je standaard meegeleverd krijgt als je een wordpress installeert. Enige zoektocht op het interwebz leert dat het subdomein canvascollectie.canvas.be ooit in gebruik is genomen en later is vervangen door Labo de lux, in het spoor van het gelijknamige televisieprogramma.

De link naar de website is op dit moment niet meer bereikbaar maar wie weet komt daar binnenkort wel eens verandering in. We’ll keep you posted.

Categorieën
Uncategorized

Een breuk…

… heb ik me vandaag gelachen met dit filmpje. Mensen met geluk. Heel veel geluk soms.

Categorieën
Uncategorized

Requiem voor een nieuwe relatie

Mijn zesde en voorlaatste verhaal voor NaNoWriMo. Wat voorafgaat lees je voor één keer bij Gudrun. Van haar nam ik het Annelies-personage over. Als Chinese vrijwilliger schreef ik het verhaal van Kevin, een personage dat al min of meer bestond in enkele verhalen van Anne maar waarvan de achtergrond nog niet helemaal bestond. Hieronder vind je dus min of meer een verhaal op bestelling, binnen het nieuwe van het schrijven dus weer iets nieuws voor mij.

Overigens hoorde ik gisteren een podcast van De Buren waarin Jeroen Olyslaegers getuigde over zijn wedervaren in Oostende, waar hij zich bevond voor het schrijven van een verhaal in het kader van de Stadsboeken die er bij De Buren zitten aan te komen. Hij vertelde dat hij tevreden was over het resultaat, na een week werk had hij 2 A4’tjes vol. Amateur! Slakkenschrijver! Allez, zijn verhaal zal een keer of 45 beter zijn hé, maar ik wil me er ook nog wel eens aan zetten aan een mooi uitgewerkt verhaal. Een boek misschien. Wie weet. Eerst dit maar tot een goed einde brengen.

NOTITIE: mijn privécorrector is hier nog niet door kunnen gaan, maar het moest eigenlijk al lang online dus nog even met eventuele fouten

Requiem voor een nieuwe relatie

Het was tien voor elf. Annelies zat met een glas rode wijn op de bank. Denkend, starend. De televisie spuwde voer voor gewillige kijkers maar haar hoofd stond niet naar televisie. Die moest vanavond de ruimte proberen vullen. Roberta was twee dagen geleden opnieuw naar Amerika vertrokken en sedertdien was haar appartement een lege, holle ruimte geworden. Televisie, hoe huiselijk de scènes, hoe luid ook konden de ruimte niet meer vullen. Ze vond het nooit erg om alleen te zijn. Maar nu leek de plek ineens een stuk leger.

De overgaande telefoon deed de leegte uiteenspatten als een zeepbel die na een tocht die onvermijdelijk slecht moest aflopen tegen de scherpe hoek van een tafel stoot. “Annelies”, zei ze kortaf. Ze haatte nummers die zich als onbekend lieten herkennen.Vaak liet ze haar telefoon uitrazen. Mensen aanspreken doe je ook niet met een bivakmuts op, was haar redenering.

Haar telefoon, die langsheen het kabaal van een televisieshow de ruimte verder probeerde te vullen met een nummer van een Amerikaanse band waarvan ze de naam was vergeten, viel deze keer echter om één of andere reden niet te negeren. “Met Kevin”. Even overwoog ze te zwijgen en te luisteren om dan even gedecideerd terug dicht te leggen. “Dag Kevin” hoorde ze zichzelf zeggen.

Daarna sprak ze de door haar zo verfoeide woorden “Hoe gaat ie?”. Dat waren de woorden die hij had moeten zeggen. Dat waren de woorden die hij altijd gebruikte als hij na enkele maanden absolute stilte opnieuw aan de telefoon hing. Dat waren de woorden waarop zij een zo kort mogelijk antwoord probeerde te formuleren. Zij zei meestal weinig tijdens hun telefoontjes. Als Kevin belde, was dat omdat hij wilde vertellen. Dus liet ze hem zijn gang gaan.

Of ze nog af wou spreken? Vanavond nog. Dat kon. Hoewel of misschien doordat ze al enkele glazen had gedronken, verliep het iets makkelijker om de draad opnieuw op te pikken. Hij stelde het oudemannencafé achter de hoek voor, zij vond alles ok, als ze maar niet te ver moest wandelen.

Het oudemannencafé was in het laatste jaar uitgegroeid tot een puliekslieveling onder het trendy volkje. De sanseveria’s achter de ramen, het kruisbeeldje boven de deur die uitgaf op de koer, het spiegelraam achter de glazen. Alles was net fout genoeg om het weer goed te maken. Alice, die eigenlijk haar café had willen sluiten had de heropleving van haar zaak met lede ogen en een glimlach op het gezicht aanzien. “Een spaarcentje voor later”, zei ze tegen haar vaste stamgasten die het café al van vroeg in de ochtend bezetten en het pas net voor het avondeten vrijgaven aan de jonge garde die na het werk nog iets kwam drinken.

Wanneer Annelies aankwam, had Kevin zich al een tafeltje geïnstalleerd. Hij zat achterovergeleund op de zeteltjes die gemonteerd waren tegen beide wanden van het bruine café. Op het tafeltje stonden nog twee glazen. Annelies voelde zich bekocht. “Ik ben reservespeler vanavond zie ik” zei ze verwijtend. Kevin gaf haar een brede glimlach die haar meteen spijt deed krijgen van haar harde uitspraak. “Ik was hier na het werk iets komen drinken met de collega’s en omdat het bij jou om de hoek was, dacht ik dat je het leuk zou vinden”.
“Misschien had ik het ook wel leuk gevonden met je collega’s erbij” kaatste Annelies de bal terug, “ik had een bezoeker de laatste twee weken, die is nu opnieuw naar Amerika en mijn bed is opnieuw koud als ik er ‘s avonds in ga liggen”. Kevin’s oog maakte even een trekkende beweging, alsof hij wou knipogen maar zijn ooglid verzet bood.

Ze heften het glas en zeiden dat ze het niet meer zo lang mochten laten wachten om af te spreken. Hoewel ze beiden wisten wie daarvan het meeste schuld trof.

“Waarvoor had je me nodig?” Annelies vroeg het opnieuw veel harder dan ze het eigenlijk bedoelde. Hij haalde zijn handen van zijn schoot, legde die de een na de ander op het tafeltje, dertig centimeter uit elkaar, vouwde zijn handen en boog voorover. “Ik ben opnieuw verliefd”, zei hij. Annelies’ hart kromp in elkaar. Sedert ze Kevin kende, waren er enkele schermutselingen geweest. Meestal bleven ze na een avondje stappen bij elkaar slapen, ze waren wel eens een weekend naar de Ardennen geweest, samen met een ander koppel en toen had Annelies heel even het gevoel gehad dat ze een koppel waren.

Kevin had haar echter meteen duidelijk gemaakt dat het niets zou worden. “Bindingsangst” had hij het de eerste keer genoemd. “Lisa-vrees” noemde Annelies het. Hij was zijn vorige lief nooit vergeten. Annelies had het gevoel dat Kevin nog altijd op haar aan het wachten was. Telkens was het wakker worden naast hem dan ook een nachtmerrie. Dan wist ze dat ze zichzelf voor heel even iets wijs had gemaakt. Dat ze heel even had gedacht dat ze ooit op de eerste plaats zou komen.

Als Kevin wakker werd, wist ze snel beter. Zij deed alsof ze sliep. Hij stond op, trok zijn boxershort aan een zocht de badkamer op. Ze hoorde het water lopen en zag de scene die zich achter het mat plastic scherm afspeelde helemaal voor zich. Ze hoor de handdoek over zijn grote lijf gaan. Ze hoorde het ritsen en het knopen. Zijn schoenen. Een kus op haar wang of voorhoofd. De deur.

Op die momenten huilde ze tranen met tuiten. Telkens weer voelde ze zich gebruikt. Even vaak liet hij daarna een tijd niets meer van zich horen. In het begin dacht ze dat hij het deed om haar te kwetsen, om de wonde extra groot te maken. Ze kwam er echter snel achter dat het schuldgevoel was. Vluchtgedrag om haar even niet onder ogen te hoeven komen. Dat hoorde ze toen ze als bij toeval een goede vriend van hem ontmoette.

Weken, soms enkele maanden later zou hij terug contact opnemen. Zij vond dat dat haar taak niet was. Zij had het contact niet verbroken. Telkens weer kwam er een telefoontje, een bericht, via facebook, liefst zo vrijblijvend mogelijk. Even vriendelijk als altijd. Geen excuses, liefst een zo open mogelijk hoi en dan het verhaal dat hij kwijt wilde.Dan probeerde Annelies hem op afstand te houden maar vroeg of laat versukkelde ze met hem in dezelfde cirkel.

De wijn en de rook legden een steeds dichter wordende nevel over de donker wordende avond. Annelies had maar één woord moeten zeggen en Kevin was losgebrand. Hij had verteld over zijn nieuwe liefde en Annelies was steeds dieper in elkaar gedoken. Hij trok er zich niets van aan. Wist niet hoezeer hij Annelies met zijn verhaal kwetste. Zij had zich drie dagen miserabel gevoeld na het vertrek van Robby en dacht dat dit een gezellige avond zou gaan worden. Niet dus. Hij wou vertellen.

Kevin vertelde met een vuur waarop hij sprak tijdens de hoogtepunten van hun samenzijn. Zoals op de dagen waarop ze samen naar haar appartement zouden trekken en naast elkaar in slaap zouden vallen. Nu vertelde hij over iemand anders. Eerst was ze tweede in rang geweest. Telkens weer voelde ze de schaduw van Lisa over hen hangen. Hoewel ze ver weg in Amerika zat, was ze steeds weer spelbreker geweest. “Ik kan haar niet vergeten, sorry”, het was één van Kevins zinnen geweest waar hij haar mee in de vergeetput duwde.

Ze bestelde nog een glas rode wijn. Hij hield het bij bier.

Nu was er dus een ander. Kevin vertelde hoe hij haar had ontmoet op een interne netwerkingdag. Sedert de campus was uitgebreid en dat meer en meer disciplines in het zelfde gebouw werden gehuisvest kende niemand niemand nog. Iedereen liep door de gangen hopen kennis mee te dragen en mensen die hetzelfde probleem hadden waren op nauwelijks vijf meter van elkaar bezig dat probleem op te lossen. De netwerkmeetings waren bedoeld om kennis te delen maar de avonden liepen vaker wel dan niet uit en na enkele glazen werd de sfeer hoe langer hoe informeler. De kennis werd, net als de tafels en de stoelen aan de kant gezet en met behulp van hun computers en en iPods, een meegebrachte boxenset werd een muziekje gedraaid. Sommige collega’s waagden zelfs een danspasje.

Zij werkte op een andere afdeling maar hun onderzoek hield nauw verband. Ze hadden afgesproken om in de komende dagen samen te gaan eten en dan verder te vertellen. Het gesprek was daarna afgegleden naar hun persoonlijke levens. Zij hield van lezen. Ze schreef ook. “Maar alleen voor eigen gebruik”, vertelde ze. De kwaliteit van mijn schrijfsels is niet van dien aard dat ik ze uit zou kunnen geven. Liever stapelde ze alles op in files op haar computer. Sommige stukjes had ze uitgeprint, om zeker te zijn dat ze een crash van haar computer zouden overleven.

Dat vond Kevin intrigerend. Als hij dat “intrigerend” uitsprak, zag Annelies een soort glinstering door zijn ogen gaan. Dan wist ze wat ze miste. Intrigerend zijn. Annelies was nooit intrigerend voor hem geweest. Daarvoor kenden ze elkaar al te lang. Het nieuwe kan intrigerend zijn, het oude kan veranderen maar intrigerend wordt dat niet meer.

Ze bestelden opnieuw. De glazen werden gebracht. Annelies vroeg welke wijn ze aan het drinken was. Het barmeisje dat de plaats van Alice inmiddels had ingenomen bracht de fles. Annelies greep de fles, bestudeerde het etiket, probeerde de tekst in het Spaans op de achterkant te lezen en gaf ze terug aan het barmeisje. “Goede keuze meid, doe zo voort”, lachte ze. Ze begon het effect van de wijn te voelen. Nu moest ze zichzelf in de gaten houden.

Kevin en zijn nieuwe vlam die Karen bleek te heten, waren de dag na het netwerken uit eten gegaan. Zij had één van haar verhalen meegebracht. Kevin vond het best goed geschreven en de vragende ogen achter die hij boven het blad bleef zien, hadden bij hem een spontane “waw” doen ontstaan. Zij was rood geworden. Hij had in haar ogen gekeken en “echt” gezegd.

“Is er dan iets tussen jullie?”. Kevin was ineens stilgevallen op het moment dat voor Annelies het verhaal nog moest beginnen. Hij schudde zijn hoofd. Wist niet hoe het kwam. Hij, de onthechte, was in zijn schulp gekropen. Dat zag Annelies. Er was iets wat hij verzweeg. Dat zag ze zo.

Het café was inmiddels leeg gelopen, het barmeisje was begonnen met de tafels schoon te maken. Annelies voelde de adem van de sluiting in haar nek blazen. “Zullen we op mijn appartement nog een afzakkertje doen?” vroeg ze. Ze stonden recht en deden hun jassen aan. Het meisje achter de bar wuifde hen uit, de nacht tegemoet.

Als ze buitenkwamen greep Kevin haar ineens vast en gaf haar een knuffel. “Ik ben niet lief voor je geweest”, zei hij, “ik wil het goedmaken”. Annelies werd warm en koud tegelijk. Wist geen blijf met haar handen, legde die tenslotte op zijn rug en drukte zich stevig tegen hem aan. “Geeft niet”, fluisterde ze.