Categories
Behavioural Economics

Rosy Retrospection of waarom Throwback Thursday als zoete broodjes uitverkoopt

Het Sportpaleis loopt dezer dagen vier keer vol voor Throwback Thursday in het Sportpladijs. Een samenwerking tussen Studio 100 en Ketnet dat dit jaar zijn 20ste verjaardag viert. Vier keer 17000 man, dat is 68.000 man die naar Merksem afzakken voor om mee te brullen bij de Samsonrock en andere Springs.

De verklaring voor zoveel enthousiasme zit uiteraard in de nostalgie die we koesteren voor leuke gebeurtenissen in het leven. Hoe komt dat echter dat alles vroeger mooier en beter was? En wat betekent dat voor ons toekomstbeeld?

Waarom ons geheugen ons bedriegt

Ons geheugen is een machine voor zelfbedrog. Omdat we de mentale capaciteit missen om al die geheugensporen op te slaan gaan we simplificeren en (daarmee samengaand) overdrijven. Daarom ligt er tijdens de wintervakantie uit je jeugd vandaag minstens tien centimeter meer sneeuw dan er toen echt lag. De zondagochtenden met Samson en Gert zijn veel gezelliger en oma bakte veel vaker pannenkoeken.

Dat is echter helemaal niet erg want net dit fenomeen zorgt ervoor dat we een beter zelfbeeld van onszelf overhouden. In een studie werd aan studenten gevraagd om een verhaal neer te pennen dat nostalgische gevoelens bij hen opriep. Anderen werd gevraagd om ‘een gebeurtenis’ te beschrijven. De studenten die het nostalgische verhaal hadden neergepend, scoorden hoger op de daarop volgende zelfbeoordelingstest dan zij die de gewone gebeurtenis hadden omschreven.

Nostalgie zorgt er ook voor dat we een rooskleuriger beeld krijgen van de toekomst. Behalve als we er te hard op gaan focussen. Trop is teveel zoals ze dat plegen te noemen. Dat zijn de mensen die gaan leven in de idee dat vroeger werkelijk alles beter was en dat niets ooit nog hetzelfde zal zijn.

Rosy retrospection en marketing

Het fenomeen heet rosy retrospection in de behavioural economics. Het is het psychologische fenomeen dat er voor zorgt waarbij mensen het verleden disproportioneel beter herinneren dan dat ze het op het moment zelf beleefden.

Een mooie toepassing van dit inzicht las ik ergens in een voorbeeld van een reisorganisatie. Die hadden op basis van dit inzicht naar de meest speciale herinnering gepolst bij mensen die terugkwamen van reis. Zij bleken naderhand positievere herinneringen te hebben aan de vakantie dan mensen die een traditionele vragenlijst met (wat waren de mankementen aan het hotel etc) hadden gekregen.

Overigens is er niets nieuws onder de zon. Memoria praeteritorum bonorum schreef Thomas van Acquino al in zijn Summa Theologiae: het verleden wordt immer goed herinnerd. En hij had het niet eens zelf uitgevonden.

Categories
Business

Digitale transformatie door de ogen van een techneut

Als het over digitale transformatie (buzzword alarm) gaat, dan luidt het adagium dat het niet over technologie gaat maar over mensen. Geloof ik ook sterk in. Dat betekent echter niet dat technologie helemaal niet van tel is. Dus las ik Isaac Sacolick’s boek Driving Digital. De ondertitel ‘The Leader’s Guide to Business Transformation Through Technology’ vertelt meteen het perspectief van de auteur.

De achtergrond van Driving Digital

Sacolick is een Chief Information en Chief Technology Officer geweest bij verschillende bedrijven en wie in het boek duikt zal het geweten hebben. Niet dat hij voortdurend techneutenwoorden uit zijn hoed tovert maar wie niet een beetje notie heeft van het Agile Manifesto kan misschien beter een inleidend boek daarover lezen.

In Driving Digital wordt niet alleen over Agile gesproken al wordt het wel als gegeven aanschouwd dat dit de manier is om verder te gaan in digitale transformatie. Het gaat ook over hoe je Big Data in je bedrijf kan gaan gebruiken en hoe je digitale producten kan gaan ontwikkelen die ook nog geld opleveren. Hier en daar komt zelfs de menselijke factor om de hoek kijken.

Onderweg strooit Sacolick af en toe zout in de wonde. Dat bedrijven vandaag nog niet voldoende uit digitale transformatie en big data halen zit ‘m heel vaak in processen.

Key takeaway’s uit Driving Digital

Hij heeft overschot van gelijk als hij stelt dat, wanneer je bedrijf vandaag nog excelfiles over en weer zit te sturen waarin belangrijke data staat, dat je dan eens heel goed moet gaan nadenken. Deze ongestructureerde data zorgen niet alleen voor verwarring: is klantenlijst_2017_def_V3 écht de definitieve versie van die lijst? Het is ook nog eens heel onproductief. Toch gebeurt het nog in héél veel organisaties.

Het interessantste stuk (voor mij dan) is het luik waarin Sacolick het heeft over het genereren van (nieuwe) inkomsten door digitale innovatie. Het wijst me er nog maar eens op dat digitalisering en bedrijfsstrategie samen met marketing en innovatie echt de manieren zijn om een bedrijf vandaag vooruit te helpen. Dat een laagje marketing en communicatie over een onveranderd product, hoe goed ook, geen duurzame manier zijn om bedrijven en organisatie te ondersteunen.

Driving Digital heeft me er nog meer van ervan overtuigd dat technologie en hoe je die inzet weldegelijk een verschil kan maken in de aanpak van digitale transformatie. De nerd in mij veerde op toen ik de agile aanpak als oplossing voor bedrijfsprocessen hoorde beschrijven. Is een laatste hoofdstuk over bedrijfscultuur mogelijks wat beperkt? Ja maar daar zijn ook weer andere boeken voor.

Categories
Design Thinking

Een Design Thinking handboek

[vc_row][vc_column width=”2/12″][/vc_column][vc_column width=”8/12″][md_text md_text_title1=”” md_text_title_separator=”no”]

Je kan er sedert een jaar of twee niet meer naast kijken. (Service) Design Thinking is hot and happening en de stapel beschikbare boeken is haast niet meer te overzien. Eén van de meer toepasbare boeken die ik over het onderwerp las, is Designing for Growth van Jeanne Liedtka en Tim Ogilvie.

Vier stappen in het design thinking proces

De auteurs onderscheiden vier grote stappen in het Design Thinking proces: what is, what if, what wows en what works. Vertaald uit het Engels zou je kunnen zeggen: wat vandaag is, wat zou kunnen zijn, wat enthousiasmeert en wat werkt.

Het vierstappenplan valt uiteen in 15 substappen. Van manieren voor het identificeren van opportuniteiten over research en conceptontwikkeling tot test- en lanceringsstrategieën.


De verdienste van het boek is vooral dat ze het Design Thinking proces in een overzichtelijk stappenplan presenteren. Dat is meteen ook een beetje het nadeel van het boek. Waar het naslagwerk waar ik nog het vaakst naar teruggrijp ‘This is Service Design Thinking’ vooral uitblinkt in free form, duwt dit je boek redelijk hard in de richting van een vast stramien.

Design Thinking MOOC en handboek

De auteurs hebben overigens ook een Design Thinking MOOC gemaakt waar het proces dat in het boek wordt beschreven. Het is wat minder gedetailleerd maar voor wie een soort inleiding in Design Thinking wil krijgen is het echt wel interessant.

Wie het stappenplan van het boek in de praktijk wil toepassen is er ook een Field Book beschikbaar. Omwille van het mij te rigide stramien waarin gewerkt wordt, geef ik er de voorkeur aan om zelf een traject samen te stellen. Het kan handig zijn voor iemand die het zelf wil proberen of wanneer je een basis voor een stappenplan wil hebben.[/md_text][/vc_column][vc_column width=”2/12″][/vc_column][/vc_row]

Categories
Behavioural Economics

Wat is het IKEA-effect?

[vc_row][vc_column width=”2/12″][/vc_column][vc_column width=”8/12″][md_text md_text_title1=”pixflow_base64IA==” md_text_title_separator=”no”]

Wie al eens een relatiecrisis heeft meegemaakt tijdens of na het ineenzetten van een nieuwe woonkamer zou het haast niet geloven maar dat ineenzetten: it’s not a bug, it’s a feature. Een zo vaak voorkomende zelfs dat er een woord voor bestaat: het IKEA-effect.

Het is overigens niet IKEA die het voor het eerst ontdekte. Toen in de jaren ‘50 van de voorbije eeuw kant-en-klare deegmixes op de markt werden gebracht, kenden die aanvankelijk niet zo gek veel succes. Toen fabrikanten er voor kozen om het toevoegen van een ei aan de consument over te laten, schoot de verkoop wel uit de startblokken.

Ook LEGO plukt de vruchten van het IKEA-effect. Het ineenzetten van de blokken zorgt ervoor dat het eindresultaat je een pak meer waard is dan wanneer je het zo kant- en klaar zou kunnen kopen. Een gedachtensprong die mij alvast de kriebels laat krijgen.

Of het IKEA-effect de verklaring is voor het succes van de winkelketen wil ik nog wel in het midden laten. Daar zijn andere effecten zoals prijs en convenience waarschijnlijk nog een pak belangrijker in. Het is trouwens ook aangetoond dat het effect pas optreedt na het (succesvol) in elkaar zetten van het product en dat het meteen verdwijnt als het product terug uit elkaar is gehaald.

Ondernemers die slim zijn kunnen dit effect dus in hun voordeel gebruiken. Mits een goeie handleiding en het juiste aantal schroeven wordt je product ineens waardevoller voor de consument.  

[/md_text][/vc_column][vc_column width=”2/12″][/vc_column][/vc_row]

Categories
Autohagiografie

Lees eens een boek

[vc_row][vc_column width=”2/12″][/vc_column][vc_column width=”8/12″][md_text md_text_title1=”pixflow_base64IA==” md_text_title_separator=”no”]

Elke maand lees ik minstens één boek. Over digitaal en marketing omdat het mijn vak is. Over strategie en zelfs over growthhacking. Over behavioural economy omdat het een miskend onderdeel van het voeren van een business is. Over Wat ik veel minder lees, is proza. Leesboeken, zeg maar. 

In 2018 wil ik daar verandering in brengen. Omdat 1 januari de slechtste dag ever is om met iets te beginnen, ben ik er nu al aan begonnen: het lezen van een paar goede boeken. 

Mijn smaak voor boeken ligt nogal moeilijk. Ik ben nogal fan van het zwaardere werk. Zowel fysiek als inhoudelijk. De Gebroeders Karamazov bijvoorbeeld. James Joyce zijn Ulysses ook. Kwestie van een soort doelstelling boven de doelstelling te leggen ben ik dus begonnen met het project ‘lees de top 100 van boeken zoals samengesteld door Le Monde’. 

Starten bij de nummer 1 op de lijst zag ik niet zitten. Dan maar op zoek naar één van die boeken die een mens gelezen zou moeten hebben. ‘De man zonder eigenschappen’ leek me er wel zo één. Al is het maar omdat het zo oneindig dik is. Bijna 55 uur leesplezier te gaan, zo voorspelt de Kindle. Welaan dan. Lezen!

[/md_text][/vc_column][vc_column width=”2/12″][/vc_column][/vc_row]

Categories
Innovatie

Over atletiekpistes en probleembepaling

[vc_row][vc_column width=”2/12″][/vc_column][vc_column width=”8/12″][md_text md_text_title1=”pixflow_base64IA==” md_text_title_separator=”no”]Telkens wanneer het regende, lag de atletiekpiste er slecht bij. Grote plassen maakten het lopen op de binnenbaan onmogelijk. Gravel vermengde zich met water en wie zich na een plensbui toch aan een loopje waagde besloot in ruime ovalen rond te lopen. Dus besloot het gemeentebestuur om er iets aan te doen. De oplossing voor het waterprobleem was wel duidelijk: de afvoer moest worden opgelost. De betonlaag onder de laag gemalen baksteen diende te worden opengehaald om het overtollige water toe te laten meteen in de grond te verdwijnen.  

Een aannemer werd gezocht en gevonden. Een specialist terzake die perfect kon uitvoeren wat er werd gevraagd: betonlaag open en een nieuwe laag gemalen baksteen erbij. De aannemer had gesuggereerd om ook afvoer via gootjes te voorzien, iets wat het gemeentebestuur zelf kon doen. Dan moest er geen nieuwe procedure doorlopen.

Gootjes werden aangelegd en beton opengehaald. Een nieuwe laag gravel werd aangevoerd en door een gespecialiseerd team van de aannemer over de 400 meter uitgespreid. Het probleem van het water bleef echter. In mindere mate in de binnenbaan maar zowat overal, nu.

Dus kwam de deskundige van de aannemer terug. Om te kijken wat er fout was gelopen. Het beton bleek opengehaald en het gravel aangelegd. De aangelegde gootjes waren correct geplaatst, al was 7 meter op 400 misschien wat weinig om de regen van de afgelopen dagen te kunnen slikken. Er werd besloten dat dit uitzonderlijke omstandigheden waren. Dat had noch de aannemer noch het bestuur kunnen voorzien.

Voor de zekerheid werd beslist een extra laag gemalen baksteen aan te voeren. Het probleem bleef bestaan. Enkele dagen regen zorgde voor een zompige ondergrond. Niet voor een dag zoals vroeger het geval was maar voor enkele dagen na de regenval.

“We hebben geen Finse piste besteld”, zo telefoneerde een verantwoordelijke van de gemeente naar de aannemer die, geschrokken door de felle bewoordingen en vooral door de manier waarop ze werden uitgesproken een nog deskundiger deskundige ter plaatse sturen. Samen met de deskundige keek de verantwoordelijke voor sportinfrastructuur naar de piste.

Een loper die toevallig gepasseerd kwam zag de twee. Hij informeerde naar de stand van zaken. Hij had de bordjes over de op til zijnde werken zien hangen en wilde weten wanneer hij zijn trainingsommetje zou moeten veranderen. “We zijn er mee bezig”, zei de verantwoordelijke voor sportinfrastructuur, “het komt in orde”.

De vaststelling bleef dezelfde: het beton was afdoende gebroken. Een extra laag zou mogelijks soelaas brengen. Het leek voor iedereen een goeie oplossing. Nog geen week later werd een vrachtwagen aangereden met opnieuw een berg gemalen baksteen. Het uitrijden zou de gemeente deze keer voor de rekening nemen. Het mocht niet baten. De vaste gebruikers van de piste begonnen te morren. Eén was na een looptocht thuisgekomen met schoenen die zo vuil waren dat haar man uitdagend gevraagd had of zij in het vervolg het huis zou schoonmaken.

De meest ervaren deskundige van de aannemer werd erbij gehaald. Hij bracht gespecialiseerd materiaal mee en werd door de schepen van sport zelf opgewacht. Op de weg naar de piste had hij er de offerte voor de uitgevoerde werken bekeken. Het leek hem een tekstboekvoorbeeld van wat zijn bedrijf kon doen. Uiteindelijk waren ze grondaannemers en wisten ze nu niet bepaald veel van sport, het draineren van zandleem- of kleigrond had voor hen niet de minste geheimen.

De ervaren deskundige keek naar de piste en liet zijn gespecialiseerde meetapparatuur in zijn auto liggen. Hij sprak een loper aan en vroeg naar de situatie. Daarna stapte hij op de schepen van sport aan die vond dat het nu wel dringend tijd werd om aan de slag te gaan zodat kon vastgesteld worden waar de uitvoeringsfout zat.

“Er is helemaal geen fout gemaakt”, zo stak de ervaren deskundige van wal. De gootjes zijn correct geplaatst, het beton is naar behoren opengewerkt. Het gravel is niet van de beste maar ook niet van de slechtste kwaliteit zoals aangegeven op de offerte. “Nee”, zo kondigde de deskundige aan, “hier treft niemand schuld, behalve degene die de oplossing heeft bedacht voor het probleem zelf werd geïdentificeerd”.

Het beton dat onder de gravelpiste lag, zou ervoor gezorgd kunnen hebben dat het water werd afgevoerd naar de gootjes. Het beton is aanzien als een deel van het probleem terwijl het net een onderdeel van de oplossing was. Helaas is dat nu weg. “Misschien moet je de aanleg van een kunststofpiste overwegen, dat doet elke gemeente tegenwoordig”, zo besloot de deskundige.

Dit verhaal (dat linken met de realiteit vertoont) geeft aan wat er vandaag vaak gebeurt in organisaties. Of ze nu klein zijn of groot. Er wordt een oplossing gevonden voor een probleem dat niet scherp gedefinieerd is. De oplossing wordt zelfs uitgevoerd zonder dat één van de lopers (die gezegd zou hebben dat wanneer het regent je dan maar beter een dagje voor het wegparcours opteert) is geluisterd.

Ook de aannemer gaat niet vrijuit. Hij verkocht een oplossing omdat daar naar gevraagd werd. Niet de oplossing die de klant eigenlijk had moeten krijgen: ineens een nieuwe piste zoals die op de meeste plaatsen wordt aangelegd of gewoon voldoende afwatering via een goot die de gemeente zelf had kunnen installeren. Drie keer werd de atletiekpiste aangepakt. Mensen en materieel zijn ingezet. Kosten gemaakt langs elke kant. Het resultaat? Slechter dan het oorspronkelijke probleem waarbij de piste enkele dagen per maand onbruikbaar bleef.[/md_text][/vc_column][vc_column width=”2/12″][/vc_column][/vc_row]

Categories
Maatschappij

De Catalaanse tunnel van Rajoy

[vc_row][vc_column width=”2/12″][/vc_column][vc_column width=”8/12″][md_text md_text_title1=”” md_text_title_separator=”no”]Dit weekend werd in Catalonië een poging gedaan om een referendum te organiseren rond de onafhankelijkheid van de noordelijke Spaanse provincie. Het Spaanse antwoord weerklonk in alle uithoeken van de wereld: de guardia civil trad op zijn minst gezegd stevig op tegen (meestal) vreedzame stemmers en passieve protesten.

Hoe kan dat toch vroegen specialisten en gewone burgers zich in koor af? Hoe kan het dat eerste minister Rajoy het bevel gaf om zo hardhandig op te treden op de verkiezingsdag en om in de aanloop ervan politici en andere ambtenaren op te pakken? De link naar de dictatuur van Franco was niet alleen in de Spaanse media toen al gelegd.

‘Laat de Catalanen stemmen en verklaar de stembusslag naderhand ongeldig’, zo opperde iemand tijdens een vox pop. Makkelijk zat, zou je denken. In opiniepeilingen blijken de voor- en tegenstanders van Catalaanse onafhankelijkheid meestal rond de 50% te hangen. Die beslissing zou je nog wel makkelijk naast je neer kunnen leggen, Madrid zijnde.

Niet dus. Rajoy gooide in de aanloop naar de verkiezingen een rode loper uit voor de separatisten. Politieagenten in vol ornaat voor hoofdkwartieren van politieke partijen. De situatie was dan al hopeloos. De overwinning van de onafhankelijkheidsdenkers (90% van de stemmen op een opkomst van 42% stond dan al vast). Iedereen zag het aankomen. Behalve Rajoy.

Nochtans had hij kunnen weten waar hij aan begon. Het is wat die vervelende middenvakrijder doet als er ergens in de verte iemand zijn rem even aanraakt. In de ogen van de bestuurder kondigt het remlicht een gevaar aan. Hij ziet zijn leven aan zich voorbij schieten en dus gaat hij ook remmen. Vol.

Cognitive tunneling heet dat in het psychologische jargon. Het is een diepmenselijke reactie die ons op scherp stelt. Cognitive tunneling zorgt ervoor dat je, wanneer je gaat lopen voor een beest in de savanne, in de rapte je speer meeneemt of net niet, wanneer dat alleen maar extra risico betekent. Het is ook het systeem dat er voor zorgt dat projecten eindeloos doorgaan ook al is het voor iedereen duidelijk dat het nergens heen leidt.

De reactie van Rajoy is net zo’n cognitieve tunnel. Het Catalaanse referendum moet hem en zijn omgeving een doorn in het oog zijn geweest. Ze werden daarin bevestigd door het grondwettelijk hof dat een streep trok door de geldigheid van het referendum. Daarmee werd de stembusslag voor de Spaanse premier het probleem dat opgelost moest worden.

De achterliggende idee van het referendum, laat staan de oorzaak van de vraag om het te organiseren -de onafhankelijkheidsgedachte zelf- schoof hierdoor niet alleen naar de achtergrond, het verdween helemaal uit beeld. De separatisten konden, hoewel hun initiatief officieel onwettig was, de democratiekaart trekken.

Het is zoals de eerder vernoemde bestuurder die in de verte een signaal ziet maar met zijn actie mogelijk erger veroorzaakt, niet in het minst voor zichzelf. Het antwoord voor de vraag waarom Rajoy met beide voeten vooruit in de tackle ging op het referendum is dus een pak minder verwonderlijk als je zou denken.

De cognitieve tunnel waar hij en zijn omgeving in terecht waren gekomen moet zo duidelijk de enig mogelijke weg zijn geweest dat het bevel om hard op te treden onvermijdelijk werd. Hierbij zichzelf in de voet schietend.[/md_text][/vc_column][vc_column width=”2/12″][/vc_column][/vc_row]

Categories
Autohagiografie

Mijn spotify timecapsule

[vc_row][vc_column width=”2/12″][/vc_column][vc_column width=”8/12″][md_text md_text_title1=”pixflow_base64IA==” md_text_title_separator=”no”]Redelijk geniaal gedaan van Spotify, deze Time Capsule module. Met muziek uit de jeugdjaren van de gebruiker. Dit is de mijne. Ik mis Underworld er een beetje in, bijvoorbeeld. Verder redelijk euhm… eclectisch met zowel Bombtrack van Rage Against the Machine als How much is the fish van Scooter. Eclectisch dus. #zobenik Benieuwd naar jouw lijst. Zet een linkje hieronder. Kan ik eens luisteren.[/md_text][/vc_column][vc_column width=”2/12″][/vc_column][/vc_row]

Categories
Technologie

De HTC U11 review

[vc_row][vc_column width=”2/12″ el_id=’5a0560b19e3a6′][/vc_column][vc_column width=”8/12″][md_text md_text_alignment=”left” md_text_title_line_height=”40″ md_text_desc_line_height=”21″ md_text_title_bottom_space=”10″ md_text_separator_bottom_space=”10″ md_text_description_bottom_space=”25″ md_text_title_separator=”no” md_text_separator_width=”110″ md_text_separator_height=”5″ md_text_separator_color=”rgb(0, 255, 153)” md_text_style=”solid” md_text_solid_color=”rgba(20,20,20,1)” md_text_gradient_color=”pixflow_base64eyJjb2xvcjEiOiIjODcwMmZmIiwiY29sb3IyIjoiIzA2ZmY2ZSIsImNvbG9yMVBvcyI6IjAuMDAiLCJjb2xvcjJQb3MiOiIxMDAuMDAiLCJhbmdsZSI6MH0=” md_text_title_size=”32″ md_text_letter_space=”0″ md_text_hover_letter_space=”0″ md_text_easing=”cubic-bezier(0.215, 0.61, 0.355, 1)” md_text_use_title_custom_font=”no” md_text_title_google_fonts=”font_family:Roboto%3Aregular%2C100%2C100italic%2C300%2C300italic%2Citalic%2C500%2C500italic%2C700%2C700italic%2C900%2C900italic|font_style:300%20light%20regular%3A300%3Anormal” md_text_number=”1″ md_text_title1=”pixflow_base64PGRpdj4mbmJzcDs8L2Rpdj4=” md_text_title2=”Typography Shortcode” md_text_title3=”Typography Shortcode” md_text_title4=”Typography Shortcode” md_text_title5=”Typography Shortcode” md_text_content_size=”14″ md_text_content_color=”rgba(20,20,20,1)” md_text_use_desc_custom_font=”yes” md_text_desc_google_fonts=”font_family:Roboto%3Aregular%2C100%2C100italic%2C300%2C300italic%2Citalic%2C500%2C500italic%2C700%2C700italic%2C900%2C900italic|font_style:400%20regular%3A400%3Anormal” md_text_use_button=”no” md_text_button_style=”fade-oval” md_text_button_size=”standard” left_right_padding=”0″ md_text_button_text=”READ MORE” md_text_button_icon_class=”icon-angle-right” md_text_button_color=”rgba(0,0,0,1)” md_text_button_text_color=”rgba(255,255,255,1)” md_text_button_bg_hover_color=”rgb(0,0,0)” md_text_button_hover_color=”rgb(255,255,255)” md_text_button_url=”#” md_text_button_target=”_self” md_text_animation_type=”fade” md_text_animation_speed=”200″ md_text_animation_delay=”0″ md_text_animation_position=”center” md_text_animation_show=”once” md_text_animation_easing=”Quart.easeInOut” md_text_parallax_speed=”1″]

HTC zit al een tijdje in de hoek waar de klappen vallen. Op één of andere manier lukt het ze niet om hun Smartphones die al jaar en dag stelselmatig innovatiever en beter zijn dan die van pakweg Samsung, in de markt te zetten.
Deze zomer kwam dan de mededeling dat ze misschien wel eens op zoek zouden kunnen zijn naar een overnemer. Nu zou Google wel eens die overnemer kunnen gaan worden. Dat zou wel eens vonken kunnen geven want terwijl ze daar in Taiwan zichzelf in de etalage aan het zetten waren, liep ik nog eens rond met een testtoestel. De HTC U11.
Die U11, dat is dan wat ze noemen het vlaggenschip van het HTC-gamma. Over de inhoud van de officiële doos moet je mij geen vragen stellen want ik kreeg de PR-doos. Wat meteen opvalt na de glimmende telefoon (ik kreeg de lichtblauwe versie) is de koptelefoon, die geen audiojack maar een USB-C aansluiting heeft. Zelf kreeg ik er ook een doorzichtig hoesje bij. Wat goed is want die blinkende achterkant met krassen, het zou geen zicht zijn.
Een vlaggenschip, dat betekent de snelste processor van de reeks en genoeg werkgeheugen om tijdens de testmaand geen enkele keer het gevoel te hebben dat er gewacht moet worden op het toestel. De batterij haalt je makkelijk de dag door, zelfs als je een intensieve gebruiker als ik bent. Als je echt een hele dag Pokemon Go wil spelen, kom je er misschien toch niet. Daarvoor is er dan Quick charge, versie 3.0. Ik heb de versies 2.1 tot en met 2.9 duidelijk gemist. Handig is het wel. Even aan het stopcontact, neem een half uur, en je kan weer een ommetje of zeven door het Middelheimpark lopen.
Zeer te spreken ben ik ook over (de kleuren van) het scherm. Het zou iets met het glas zijn, lees ik hier en daar. Ik heb ooit televisie gedaan en de kleuren van een scherm, ik ben daar nogal gevoelig aan. Of het nu softwarematig is of het is effectief het glas, dat zal mij dan worst wezen.
De mobiele internetverbinding daarentegen, daar hebben we al beter gezien. Zonder daarover in details te treden, wanneer je hier ten huize Seurinck op het toilet zit, durfde het wifi-signaal wel eens verloren te gaan. Iets wat met de Nexus en de One Plus 3T die hier momenteel in gebruik zijn nooit gebeurt.
Softwarematig blijft HTC investeren in haar Sense-laag bovenop de standaard Android. Voor mij zou dat allemaal niet moeten maar ik begrijp dat de gewone gebruiker er wel wat aan heeft. Veel features die in de vroege Sense zaten, zijn nu overgenomen (en een pak beter gemaakt) door Google Now. Dat maakt features als Blinkfeed bijvoorbeeld vooral storend want niet beschikbaar in een Vlaamse versie want die Franse versie is leuk als je daar op reis bent maar eens terug wil je toch graag de strapatsen van de lokale politici volgen.  
Nieuw bij de U11 is dat Sense ook een hardwarelaagje krijgt. Je kan namelijk op de telefoon knijpen. Knijpen? Jawel. Je kan de telefoon zo instellen dat je, wanneer je er op knijpt een bepaalde functie kan ontgrendelen. Foto-app openen of je moeder bellen, je zegt het zelf maar. Leuke feature maar niet meteen iets waarvan ik een aankoopbeslissing zou laten afhangen.
Heeft HTC met de U11 een telefoon opgeleverd waar je van gaat dromen? Die tijd is voorbij denk ik. Van droomtelefoons. Tenzij je het statussymbool met het fruit op de achterkant wil kopen. Dat is geen telefoon, it’s a fashion accessory. De U11 is wel één, zoniet dé Android telefoon die je wil kopen als je in de markt bent voor een nieuw en hardstikke degelijk toestel.

[/md_text][/vc_column][vc_column width=”2/12″ el_id=’5a0560b19e40b’][/vc_column][/vc_row]

Categories
Communicatie

Leve de cyberaanval!

[vc_row][vc_column width=”2/12″][/vc_column][vc_column width=”8/12″][md_text md_text_title1=”” md_text_title_separator=”no”]De wereldwijde cyberaanvallen van de voorbije weken hebben in veel bedrijven de nodige impact gehad. Niet alleen financieel en mentaal maar ook procesmatig. Wanneer de informatica het laat afweten, ligt het bedrijf plat net zo wel als dat het geval zou zijn als wanneer de machines uit zouden vallen.

Het is behelpen dan. Alternatieven zoeken. Al zeker bij wat ik kort door de bocht even de kenniswerkers zou willen noemen. Bij de afdeling van Mondelez in Herentals werd pen, papier en iemand met een mooi geschrift opgevorderd om te communiceren naar de werknemers.

“Omwille van een cyberaanval kunnen we momenteel niet normaal produceren”, zo staat er te lezen. Er moet gebeld worden naar wel zes verschillende nummers om de planning op te volgen en verdere communicatie zal volgen. Wanneer is onduidelijk.

Zelf heb ik de tijd niet meer meegemaakt dat een job zonder persoonlijk e-mailadres kwam. Die tijd ken ik alleen van verhalen die collega’s me door de loop der jaren hebben verteld. Die verhalen komen meestal boven als internet op kantoor plat gaat of zoals bij Mondelez vandaag, zo kan ik me voorstellen.

Je kan je dan de vraag stellen hoe dat vroeger toch in vredesnaam geregeld werd. Hoe mensen ooit tot consensus kwamen en hoe iedereen op de hoogte bleef van het reilen en zeilen van een bedrijf, zo zonder e-mail of slack of facebook workplace of wat er bij jou op kantoor ook wordt gebruikt.

Je kan ook de vraag stellen hoe we al die communicatiemiddelen vandaag gebruiken. Proberen we effectief het onderste uit onze kan te halen of zijn we aan het communiceren omwille van de communicatie? Zijn we op de hoogte omdat het essentiële informatie is voor de vooruitgang van het bedrijf of willen we als manager vooral weten waar iedereen mee bezig is?

Een werkplek is anno 2017 vaak een plaats van oorverdovende communicatie. Wie de fout maakt de ochtend te beginnen met het beantwoorden van een aantal mails, komt al te vaak aan de lunch met het gevoel dat er deze namiddag nog een bord vol to-do’s staat. Stilaan beginnen bedrijven het in te zien. Er worden dagen-zonder-mail georganiseerd of stilteplaatsen in eilandorganisaties. Om even te ontsnappen en écht werk gedaan te krijgen.

Beantwoorden we al die berichten op elk uur van de dag en de week zo snel mogelijk om te tonen dat we weldegelijk aan het werk zijn of bieden we telkens we een extra bericht op de stapel leggen écht een meerwaarde?

Het is makkelijk lachen met het voorstel van Kris Peeters om het mailen na de uren aan banden te leggen. Een overheidsingrijpen is uiteraard een brug te ver maar als de onzichtbare hand bestaat, dan mag die stilaan omhoog voor de niet aflatende stroom aan communicatie die dwangmatig moet worden gedoofd door nog meer communicatie. [/md_text][/vc_column][vc_column width=”2/12″][/vc_column][/vc_row]

Categories
Communicatie

Growth Hacking: het nieuwste vakje op de buzzword bingo?

[vc_row][vc_column width=”2/12″ el_id=’5a04732e086e1′][/vc_column][vc_column width=”8/12″][md_text md_text_alignment=”left” md_text_title_line_height=”40″ md_text_desc_line_height=”21″ md_text_title_bottom_space=”10″ md_text_separator_bottom_space=”10″ md_text_description_bottom_space=”25″ md_text_title_separator=”no” md_text_separator_width=”110″ md_text_separator_height=”5″ md_text_separator_color=”rgb(0, 255, 153)” md_text_style=”solid” md_text_solid_color=”rgba(20,20,20,1)” md_text_gradient_color=”pixflow_base64eyJjb2xvcjEiOiIjODcwMmZmIiwiY29sb3IyIjoiIzA2ZmY2ZSIsImNvbG9yMVBvcyI6IjAuMDAiLCJjb2xvcjJQb3MiOiIxMDAuMDAiLCJhbmdsZSI6MH0=” md_text_title_size=”32″ md_text_letter_space=”0″ md_text_hover_letter_space=”0″ md_text_easing=”cubic-bezier(0.215, 0.61, 0.355, 1)” md_text_use_title_custom_font=”no” md_text_title_google_fonts=”font_family:Roboto%3Aregular%2C100%2C100italic%2C300%2C300italic%2Citalic%2C500%2C500italic%2C700%2C700italic%2C900%2C900italic|font_style:300%20light%20regular%3A300%3Anormal” md_text_number=”1″ md_text_title1=”pixflow_base64PGRpdj4mbmJzcDs8L2Rpdj4=” md_text_title2=”Typography Shortcode” md_text_title3=”Typography Shortcode” md_text_title4=”Typography Shortcode” md_text_title5=”Typography Shortcode” md_text_content_size=”14″ md_text_content_color=”rgba(20,20,20,1)” md_text_use_desc_custom_font=”yes” md_text_desc_google_fonts=”font_family:Roboto%3Aregular%2C100%2C100italic%2C300%2C300italic%2Citalic%2C500%2C500italic%2C700%2C700italic%2C900%2C900italic|font_style:400%20regular%3A400%3Anormal” md_text_use_button=”no” md_text_button_style=”fade-oval” md_text_button_size=”standard” left_right_padding=”0″ md_text_button_text=”READ MORE” md_text_button_icon_class=”icon-angle-right” md_text_button_color=”rgba(0,0,0,1)” md_text_button_text_color=”rgba(255,255,255,1)” md_text_button_bg_hover_color=”rgb(0,0,0)” md_text_button_hover_color=”rgb(255,255,255)” md_text_button_url=”#” md_text_button_target=”_self” md_text_animation_type=”fade” md_text_animation_speed=”200″ md_text_animation_delay=”0″ md_text_animation_position=”center” md_text_animation_show=”once” md_text_animation_easing=”Quart.easeInOut” md_text_parallax_speed=”1″]

Laatst ging ik naar een bijeenkomst van online marketeers en communicatiemensen waar een Growth Hacker het woord zou nemen.

Het concept was al enige tijd op mijn radar verschenen en links en rechts had ik me wat bijgelezen. Mijn mening hing ergens tussen geïntrigeerd en sceptisch.

Geïntrigeerd omdat ineens iedereen het erover leek te hebben. Sceptisch omdat de vlag inmiddels ook alweer zoveel ladingen dekt dat je hoopte dat communicatiewetenschap toch wat meer op wiskunde zou lijken dan op psychologie. Gelukkig is dat niet het geval dus leggen we er ons bij neer dat ons vak een mengvorm van wetenschap en kunst is.

Een avond met een Growth Hacker
De Growth Hacker sprak over zijn ervaringen. Hij vertelde hoe er leads waren gegenereerd en adressen verzameld. Hij vertelde over het scrapen van websites en hoe technologie en communicatie met elkaar konden worden verweven. Sommige vondsten waren straf gevonden, andere leken me meer een kunstje dan een strategische aanpak. 

Het klonk me bij tijd en wijlen allemaal nogal dodgy. Ik was blij dat ik lang niet de enige was die tijdens de vragenronde luidop de vraag stelde of je met dat soort praktijken niet bij de privacycommissie of erger op het matje kon worden geroepen. De jongeman leek er al bij al vrij gerust in. Het was niet het beeld dat ik van Growth Hacking had verwacht wat ik die avond voorgeschoteld kreeg.

Al was de dunne lijn waarop er gewandeld werd, de interactie tussen technisch vernuft en psychologisch inzicht, ook wel genoeg om mij van sceptisch-geïntrigeerd naar geïntrigeerd zonder meer te laten opschuiven.

Twee boeken over Growth Hacking
Er zou een boek aan te pas komen. En daarna nog een boek. Kwestie van me er van te vergewissen of mijn eerste oordeel niet vooral op het conto van een auteur te schrijven zou zijn. Eerst las ik Designing for Growth, een boek dat wat meer voedingsbodem heeft in design thinking en innovatie en niet zozeer de technische of communicatiekant bekijkt.
Daarna las ik Hacking Growth, dat pas op 25 april van dit jaar in de boekenrekken kwam. Het besluit na twee boeken: mijn scepsis werd bevestigd. Eigenlijk ben ik (en jij mogelijk ook) al langer bezig met Growth Hacking dan de term de ronde van het internet is beginnen doen.

Als je een agile marketing in een proefbuis samenzet met een developer. Vervolgens laat je een communicatiemens die wat kaas gegeten heeft van behavioural economics eens schudden en voegt tenslotte wat creatives toe, is het een kwestie van wachten tot daar Growth Hacking uit komt. Schematisch ziet dat er allemaal best ordelijk uit.

Is Growth Hacking dan echt niet meer dan een buzzword?

Is er dan echt geen nieuws onder de zon is? Heb
 ik twee boeken en inmiddels tig blogposts gelezen en helemaal niets geleerd? Heeft Growth Hacking helemaal geen toegevoegde waarde? Uiteraard niet. Een aantal technieken die ik gebruikte, ga ik verder verfijnen en het agile en behavioural gedeelte van marketing, daarin is mijn geloof alleen maar versterkt.

Of ik mezelf dan very 2K17 een Growth Hacker ga noemen? Dat denk ik niet.

[/md_text][/vc_column][vc_column width=”2/12″ el_id=’5a04732e0875a’][/vc_column][/vc_row]

Categories
Innovatie

Wat marginal gains voor jouw bedrijf kunnen betekenen

[vc_row][vc_column width=”2/12″ el_id=’5a0474f179b6d’][/vc_column][vc_column width=”8/12″][md_text md_text_alignment=”left” md_text_title_line_height=”40″ md_text_desc_line_height=”21″ md_text_title_bottom_space=”10″ md_text_separator_bottom_space=”10″ md_text_description_bottom_space=”25″ md_text_title_separator=”no” md_text_separator_width=”110″ md_text_separator_height=”5″ md_text_separator_color=”rgb(0, 255, 153)” md_text_style=”solid” md_text_solid_color=”rgba(20,20,20,1)” md_text_gradient_color=”pixflow_base64eyJjb2xvcjEiOiIjODcwMmZmIiwiY29sb3IyIjoiIzA2ZmY2ZSIsImNvbG9yMVBvcyI6IjAuMDAiLCJjb2xvcjJQb3MiOiIxMDAuMDAiLCJhbmdsZSI6MH0=” md_text_title_size=”32″ md_text_letter_space=”0″ md_text_hover_letter_space=”0″ md_text_easing=”cubic-bezier(0.215, 0.61, 0.355, 1)” md_text_use_title_custom_font=”no” md_text_title_google_fonts=”font_family:Roboto%3Aregular%2C100%2C100italic%2C300%2C300italic%2Citalic%2C500%2C500italic%2C700%2C700italic%2C900%2C900italic|font_style:300%20light%20regular%3A300%3Anormal” md_text_number=”1″ md_text_title1=”pixflow_base64PGRpdj4mbmJzcDs8L2Rpdj4=” md_text_title2=”Typography Shortcode” md_text_title3=”Typography Shortcode” md_text_title4=”Typography Shortcode” md_text_title5=”Typography Shortcode” md_text_content_size=”14″ md_text_content_color=”rgba(20,20,20,1)” md_text_use_desc_custom_font=”yes” md_text_desc_google_fonts=”font_family:Roboto%3Aregular%2C100%2C100italic%2C300%2C300italic%2Citalic%2C500%2C500italic%2C700%2C700italic%2C900%2C900italic|font_style:400%20regular%3A400%3Anormal” md_text_use_button=”no” md_text_button_style=”fade-oval” md_text_button_size=”standard” left_right_padding=”0″ md_text_button_text=”READ MORE” md_text_button_icon_class=”icon-angle-right” md_text_button_color=”rgba(0,0,0,1)” md_text_button_text_color=”rgba(255,255,255,1)” md_text_button_bg_hover_color=”rgb(0,0,0)” md_text_button_hover_color=”rgb(255,255,255)” md_text_button_url=”#” md_text_button_target=”_self” md_text_animation_type=”fade” md_text_animation_speed=”200″ md_text_animation_delay=”0.0″ md_text_animation_position=”center” md_text_animation_show=”once” md_text_animation_easing=”Quart.easeInOut” md_text_parallax_speed=”1″]

In 2012 werden de Olympische zomerspelen in Londen georganiseerd. Zeven van de tien te verdelen gouden medailles in het baanwielrennen gingen naar het Britse team. Zeven wereld- en twee olympische records toe.
Eerder die zomer had Bradley Wiggins als eerste Brit ooit de Ronde van Frankrijk gewonnen. Aan het werk: performance director Dave Brailsford en de marginal gains theory. Mogelijks was er ook geneeskunde op een wat schimmiger niveau maar dat doet hier niet terzake.
De marginal gains theory vertelt dat je het fietsen tot op het bot moet ontleden en dan elk van die onderdelen 1% beter maken. Of het nu gaat om de positie op de fiets, de stand van het stuur of de vorm van het frame. Wanneer je op elk van die onderdelen het kleinste verschil maakt, spring je ineens een eind verder.
Uiteraard liggen onderliggend de fietstraditie en het talent dat je in een generatie aantreft mee aan de basis van het succes van de ploeg. Uren aan trainingsarbeid, research en development en experimenteren. Het bracht het Britse wielrennen naar ongekende hoogten. Het geeft ook de denken.
Wielrennen als metafoor voor wat er in jouw bedrijf gebeurt. Uiteraard doe je vandaag al aan marketing en communicatie. Uiteraard heb je nagedacht over nieuwe businessmogelijkheden. Uiteraard denk je na over disruptie en bots en wat als op de lange termijn? Heb je echter ook stilgestaan bij wat er vandaag is en hoe dat beter kan?
Wat als je website 1% meer bezoekers had? Wat als er 1% daarvan meer zouden inschrijven voor jouw wekelijkse nieuwsbrief? Wat als die 1% meer werd geopend? Wat als 1% meer daarvan de weg zou vinden naar het contactformulier of naar jouw webshop? Hoeveel zou de optelsom van die procenten maken voor jouw bottom line?
Het vinden van marginal gains beperkt zich niet tot het vlak van marketing en communicatie. Marginal gains zijn per definitie te vinden in elk onderdeel van jouw bedrijf. Wat je nodig hebt is een performance director die op zoek gaat naar en oplossingen vindt voor alle micro-onderdelen van jouw bedrijf of organisatie.
Welke 1% ga jij eerst aanpakken?

[/md_text][/vc_column][vc_column width=”2/12″ el_id=’5a0474f179bd7′][/vc_column][/vc_row]