De macht van de traditie

Dat ik nooit nog de trein van 17 na het uur zou nemen, zo sprak ik. Omdat het me hoop en al vijf minuten winst opbrengt voor twintig minuten vroeger vertrekken. De frustratie van het vele stoppen toe.

Dat het jammer is, dacht ik, dat het of 8u30 of 9u30 op het werk aankomen is.

Of het nodig was, vroeg Roland? Of het de macht van de traditie was, dat naar het werk gaan? Het ritueel verpoppen door middel van een treinrit. Pendelen. Het was nodig. Want er was een vergadering.

Roland raakte wat aan. Is ‘gaan werken’ altijd zinvol? Is het niet beter af en toe de rit te besparen en thuis te werken? Het kind vroeger van de crèche kunnen halen en dan quality time overhouden? Wat langer kunnen werken omdat je niet op en af het perron moet.

Het is zinvol en ik weet dat Bart erop staat. Dat iedereen op het werk is. Zoveel mogelijk. Voor de sfeer en de dynamiek.

Al las of hoorde ik ook ergens dat teams die vijf jaar samenwerken, waar het mechanisme inzit ook verworden tot mechaniekjes van teveel op elkaar lijken en allemaal dezelfde mensen en dezelfde ideeën. Dat het, tenzij je inzet op een verhoogd personeelsverloop, nuttiger is om mensen andere oorden te laten opzoeken.

Af en toe andere lucht, af en toe andere geluiden. Mengen. Mijn nieuwe collega’s zijn leuk maar een techneutengesprek op Aspace opent ogen die anders gesloten zouden bijven.

Is het een traditie om te gaan werken? Ja en het is een nuttige. De actie van ‘gaan werken’ vind ik nuttig. Voor mij. Sommigen doen een pak aan om een lijn aan te geven, wisselen naar iets los om echt thuis te zijn. Zelf heb ik graag een verplaatsing. Of dat nu naar ‘een kantoor’ of ‘het kantoor’ is.

Zelf heb ik graag afwisseling. Binnen kantoor ben ik honkvast en ik ben kwaad op mezelf dat ik dat ben. Ik toef op mijn bureau terwijl er ook zitzakken en bubbles zijn. Dat er een salon is dat sushi heet. Dat er een designertuinset is op het in kunstgras aangelegd pseudoterras. Ik blijf hangen. Aan mijn cinemagroot scherm misschien.

Af en toe wil ik vreemdgaan. Thuis. Coworkingspace. Een terras misschien. Ik ben een rolling stone. Waar mijn laptop kan staan en er internettoegang is, kan ik werken. In een ideale wereld is elk kantoor een ontmoetingsruimte.

Want wat is de afstand nog? Wat zijn collega’s? Op ‘het kantoor’ heb ik vijf toetsen nodig om bij een collega te komen. Via skype zijn er dat hoogstens drie en daar heb ik beeld bij als ik dat wil. Veel dichter dan dat kom je niet.

#fuckyeahkaas

Vorige week organiseerde Frederik van mijn coworkingplek Aspace een ledenbarbecue en hoe gaat dat? Je vertelt wat, je luistert wat. Iedereen om beurt.

We hadden het over Cubus’ kaas van de week en waarom ik vond dat hij verraad pleegde aan kaas door niet enkel jonge gouda maar ook zijn kaas van de week uit de rekken van den delhaize te plukken.

Zelf ben ik niet zo’n kenner van kaas maar in Borgerhout is een markt en als ik op vrijdag naar Aspace ga, dan koop ik eerst kaas en brood en dan zet ik mij aan het coworken. Hét kaaskraam op de Borgerhoutse vrijdagmarkt meet wat? 8,10, 12 meter?

Keuze te over. Niet normaal. Op een ledenbarbecue met een hoog geekgehalte: een epic kaaskraam. Plannen werden gesmeed terwijl de ijzers heet waren. Vrijdag, kaasdag. Cubus kon zijn dinsdagproject wel opbergen. Geef toe. Als je moet kiezen tussen #kaasvandeweek en #fuckyeahkaas, dan weet een beetje internaut al snel waar de klepel hangt.

Vrijdag draaiden we een proefrit. De afwezigheid van het epic kaaskraam kon ons niet veel maken en we trokken op jacht. Vijf verschillende kazen werden uit de Local Store betrokken. Dat werd naast coworking ook coeating en weet je? Ik kan het iedereen aanbevelen.

Wat is er gezelliger dan zo een kaasschotel? Wat is er leuker dan écht samen eten, de pla delen? Je hebt meteen wat om over te praten. Nu kan ik het met mijn coworkers wel vinden maar misschien is dat niet overal zo en zo’n verschillende kazen geven toch altijd wel aanleiding tot gesprek.

Wat lust jij liever en wat lust jij graag en wat moeten we de volgende keer en ik heb eens een kaas gegeten en ik ben de naam kwijt en als we nu eens een wijntje? Pain, vin, fromage. Toch maar niet want we moeten nog werken. Gezellig man.

Lekkerder dan het tigste broodje mozarella-tomaat en geitenkaas met noten, rucula en honing. Ga ik nog doen en bij Aspace waarschijnlijk ook en neem jezelf ook nog een stukje.