Categories
Journalistiek

De eerste edities van DS Avond bekeken

Bij De Standaard doen ze dus binnenkort van avondkrant. Digitaal. Betalend. Vanaf 22 mei dan toch. Blijkbaar was ik bij de niet zo heel velen om al even te mogen lezen. Dat heb ik gedaan.

Wat ik leuk vind aan de app (ik las ‘m op de iPad mini) is dat dit nu eens geen skeuomorfe digitale krant is. Op verschillende artikels kan je doorklikken, bij het zespuntenartikel kan je de verschillende punten afzonderlijk aanklikken, vanuit het overzicht kan je naar een specifiek artikel en vanuit dat artikel kan je terug naar het overzicht, er is video, le tout.

Toch komt het soms ook wat geforceerd over. In het artikel over de files kan je op drie omcirkelde auto’s klikken om de redenen te lezen waarom al die files nog zo’n slecht nieuws niet zijn. Om duidelijk te maken dat er wel wat meer is dan een inleiding staat daar dan ‘Klik op de wagens’. Niet meteen een UI-designers dream kan ik me voorstellen.

Het artikel over de Nederlanders die de rol van de Polen op bouwwerven overnemen wordt uitgesplitst in vier vragen met klikken-om-de-antwoorden-te-lezen. Die overformatering komt de journalistiek niet ten goede heb ik het gevoel.

DS Avond past in het plaatje om de gratis online nieuwsberichten te beperken tot de snelle nieuwsberichtgeving, de krant zou uitdiepen en DS Avond valt daar dan zo wat tussen. Daarmee loopt de ‘krant’ een beetje het risico mossel noch vis te worden. Of prequels van wat je dan toch in de papieren versie zal moeten gaan lezen.

Want voor echte meerwaarde is het me iets te licht en zijn de artikels net iets te kort en te luchtig. DS Avond mikt op korte, snelle berichten en onttrekt zich in deze versies nog iets te weinig van de waan van de dag. Fotoreeks hier, zes voorwaarden om bij Femen te kunnen aansluiten daar, een bizarreverhalenrubriek.

Het zou jammer zijn als dit initiatief enkel meerwaarde zou krijgen door het niveau van de website te verlagen tot pure pageviewjournalistiek. Ik hoop dat het product er nog een beetje meer als het marketingtekstje gaat uitzien.

Categories
Communicatie Journalistiek

Product Placement of hoe subliminale reclame toch kan

Wanneer wij televisie kijken, kijken wij niet naar bewegende beelden maar snel op elkaar volgende stilstaande beelden. Hier te lande zijn dat er 25 per seconde, dat heeft met de frequentie van het stroomnet te maken. Beweging zien wij mensen zo ongeveer vanaf 12 à 13 beelden.

In 1957, toen je nog met mensen mocht experimenteren, vond James Vicary er niet beter op dit ‘foutje’ in het menselijke vermogen uit te buiten en subliminale reclame uit te vinden. Laat één van die 25 (in zijn Amerikaanse geval 30) vervangen door een reclameboodschap, zo redeneerde hij, en de omzet van coca cola en popcorn zou met ettelijke procenten stijgen.

Het resultaat van zijn studie was verbluffend. 57,8% meerverkoop van Coca Cola, 18,1% voor popcorn*. Vicary maakte enkele fouten tijdens zijn onderzoek. Moest in 1962 toegeven dat zijn resultaten niet klopten. Moest lezen hoe men zelfs twijfelde of hij zijn onderzoek wel had uitgevoerd.

Het werd een urban legend waarbij maar al te vaak deel twee van het verhaal, dat van het niet kloppende onderzoek wordt vaak vergeten. Marketingcommunicatie zou nooit nog hetzelfde zijn. Wetten werden uitgevaardigd. Elke marketeer zou voor altijd per definitie medeplichtig worden geacht aan het misleiden van het volk. Tenzij het tegendeel werd bewezen.

We leven in de eenentwintigste eeuw en mensen zijn reclamemoe. Zo lijkt het. Zo zegt men. Televisiereclame wordt doorgespoeld. Televisiereclame gaat viraal op het internet. Niemand klikt op Google advertenties maar Google verdient geld als slijk. Materie en antimaterie van het reclamevak.

Dus wordt er naar oplossingen gezocht. Oude technieken worden verbeterd, nieuwe duiken op. Social media, user generated content, flashmobs, you name it. Product placement is de nieuwe televisiereclame.

Elke scène is een gelegenheid om de kwaliteiten van een product in de verf te zetten. Als het nodig is, wordt er een volledige aflevering aan gewijd. Als het echt nodig is, kan James Bond ook wel zero-zero-seven zeggen wanneer hij double-0 bedoelt.

Bij fictie wil dat nog wel meevallen. Dat Witse met een Lexus rijdt. Och ja, die mens moet met iets rijden en zo’n commissaris zal hier of daar wel wat onder tafel toegeschoven krijgen om zo’n dure kar te betalen zeker? Of rijk getrouwd of zoiets. Als Xavier zijn dagschotel er nu één is van Jupiler of van Romy of van Heineken voor mijn part, het raakt mijn koude kleren niet.

Als sommige mensen zeggen dat ze product placement verkiezen boven dertigsecondenspots, dan geloof ik hen. Als mensen zeggen niet-disruptieve advertenties te verkiezen boven pauzes in hun mediabeleving, dan volg ik hen daarin.

Anders wordt het wanneer ik in De Standaard van dit weekend lees dat de jobbeurzen weer hoogtijdagen beleven. Aangezien er op de VDAB-website 50.000 vacatures openstaan, wordt meteen geconcludeerd dat de crisis op de jobmarkt voorbij zal zijn.

Als geïnteresseerde lezer verwacht ik daarna een uitwerking van deze these. Vorig jaar waren het er maar zus en zoveel en er is een stijgende lijn of iets van die strekking. Het verhaal draait echter richting jobbeurzen. Career launch en Jobdays komen er immers aan en wat wil nu het toeval? Beide events worden georganiseerd door Jobat en Jobat, dat is een zusje van De Standaard.

Dat je er over de koppen kan lopen en dat het de moeite zal zijn en dat je tips kan krijgen en advies en dat je zeker moet gaan als werkzoekende en dat je je geld als rekruterende absoluut zo moet besteden want vacatures, daar is geld mee te verdienen en met events die vacatures in de kijker zetten nog meer.

De ware aard van het artikel is dan ook niet informeren maar adverteren. Zonder vermelding. Een objectief artikel had gewag gemaakt van vergelijkbare evenementen georganiseerd door de concurrentie. Een eerlijk journalistiek werkstuk had de relatie tussen Jobat en De Standaard genoemd.

Wat ik lees, is product placement, verpakt als nieuws. Dat verandert de zaak. De krant gaat over feiten maar ook over agenda setting en over step-flows, over opinieleiderschap en beïnvloeding van mentale rasters. De vierde macht. De boodschap ongezien voor de lezer.

Want fictie, alla, maar nieuws is journalistiek en jounalistiek is heilig. Enfin, een beetje toch. Noem mij ouderwets maar door dit soort artikels verzeilen journalisten (noodgedwongen) in hetzelfde schuitje als de marketeers. Schuldig tot het tegendeel is bewezen.

Update: Bij De Standaard Online is een ‘Powered by Jobat’ verschenen

* Met dank aan wikipedia voor de cijfers

Categories
Journalistiek

Een wedstrijd tegen uw ochtendhumeur

Laat ons wel wezen: vaak is de weekendkrant de enige krant van de week die echt uitgelezen is als de Chiro langskomt voor de papierslag. Het weekendabonnement moet zowat de beste uitvinding geweest zijn die de marketingafdelingen der Belgische kranten de laatste jaren hebben voortgebracht.

Dezer dagen doet de Standaard er nog een actie met korting en alles. Onder de titel “Doorbreek de sleur van het ochtendhumeur” . Bij die actie hoort een website. Je kan er een Illy Espressomachine winnen en op geheel wetenschappelijk verantwoorde wijze te weten komen wat voor ochtendhumeurpersoon je bent. Naar het schijnt weet ik één en ander aardig te verbergen. Ik ben een camoufleur. Het is maar dat u weet wat je aan mij hebt mocht u ooit naast mij aan de koffie zitten des morgens.

Op zaterdag en zondag doe ik dat camoufleren wel eens achter een kwaliteitskrant. Enfin. Altijd. Meestal. Als ik er last van heb. Dat kan jij ook. Gratis. Voor een maand. Vertel mij in de reacties of via twitter waarom jij een maand lang gratis De Standaard wil krijgen bij je zaterdagse pistolets. Aangezien de helft van de beroepsbevolking inmiddels 55+ is en 4/5 werkt, krijg je er de vrijdageditie bij.

Een onschuldige kinderhand zal zijn werk doen en vijf namen plukken.

In ruil voor deze blogpost lees ik een maand met je mee. Het is maar dat u dat mag weten.

Categories
Uncategorized

Algemene relativiteit en de krant

Wij hebben een abonnement op de krant. Ik weet het, het is ouderwets, het verbruikt papier en een voldaan gevoel hou je daar niet van over. Het is niet anders. Het is een van ouders op kinderen doorgegeven traditie en zo meteen is het er nog niet uit.

Mijn lief pendelt, dus neemt zij de krant mee op de trein en blijf ik achter met het nieuws van eergisteren in de krant van gisteren. Het nieuws an sich kan ik overslaan, dat heb ik inmiddels via andere bronnen geconsumeerd. De wetenschapsbijlage op donderdag is wat minder nieuwsgevoelig.

Dus krijg ik vandaag het artikel “Einsteins algemene relativiteitstheorie wordt bevestigd in het lab” onder ogen. Ik meen dat ik er al iets over had gehoord had. Evengoed duik ik het artikel in. De journalist schrijft een goed krantenartikel: hij leidt in en vertelt wat de algemene relativiteitstheorie zegt: de tijd gaat trager op de begane grond dan hoog in de lucht. Juist ja.

Daar stuit ik dus op de grens van wat een krant voor mij, anno 2010 nog kan betekenen. Nu ben ik geen fysicus, noch ken ik het alpha en omega van de sterrenkunde en het werk van Einstein. Iets in mij zegt dat ik met die twee zinnetjes de essentie van de rest van het artikel ga missen.

There’s an app for that en die app heet chrome. Die vind ik snel op mijn MacBook. Even algemene relativiteitstheorie in de zoekbalk pleuren en hups: daar komt een artikel. Verleg ik mijn zoektocht naar het Engels, dan kom ik al snel op sciencedaily en kan ik lezen zoveel ik wil (en kan begrijpen).

Je zal mij niet horen zeggen dat kranten geen toekomst hebben. Wel integendeel. Er is zoveel bagger out there dat ik door de bomen het bos niet meer kan zien. Maar mag het iets meer zijn dan enkel de samengevatte vertaling of een kopij van het persbericht? Mag het wat meer zijn dan wikipedia en mag ik ook meer weten dan wat jullie mij willen vertellen?